Categorie: Vegetarisch

Oranje boven: Pompoensoep!

Pompoensoep

Vandaag is het 27 april. Het is een feestelijke dag, want de koning is jarig! Vandaag is de dag waarop ik hoopte dat ie zou komen, want dit is dé dag, waarop ik mijn blog heropen!
Welkom, trouwe lezers, welkom nieuwe lezers! Ik hoop jullie opnieuw te inspireren om zo af en toe, als je zin hebt, over de markt te slenteren en te genieten van de afwisselende kleurenpracht van groentes en fruit die de seizoenen ons te bieden hebben en daarvan iets mee naar huis te nemen. Ik hoop dat jullie nieuwsgierigheid geprikkeld wordt, om nieuwe dingen uit te proberen, en er nieuwe geuren uit lokale en verre culturen uit jullie keukens opstijgen. En vooral hoop ik, dat jullie ervan genieten om het eten dat uit die keukens komt, met elkaar te delen!

Pompoensoep

Als ik mijn laatste stukje herlees, zie ik dat ik jullie beloofd heb om jullie te trakteren op pompoensoep. Welnu, laat ik deze belofte na een slordige anderhalf jaar schrijfstilte nu meteen inlossen. Soep is een fantastische verwarmende maaltijd die altijd vreugde geeft. Het begint al met zo’n pan die daar dan gezellig op het fornuis staat, terwijl je zelf lekker achterover kunt leunen in de wetenschap dat je straks enkel nog je staafmixer uit je keukenkastje tevoorschijn hoeft te pakken en hooguit nog wat zout en kruiden hoeft toe te voegen.
Pompoensoep is al jaren één van mijn grote favorieten, ontzettend simpel en eindeloos veelzijdig. De eenvoudigste vorm die ik tot nu toe ben tegengekomen is de pompoensoep van Claudia Roden, die in feite bestaat uit het in kippenbouillon koken van de pompoen.
De eerste keer dat ik zelf pompoensoep maakte weet ik nog goed. In mijn nooit aflatende enthousiasme om nieuwe dingen uit te proberen had ik een grote oranje pompoen meegesleept naar de mini-keuken van mijn tijdelijke huisje. Ik ging de pompoen te lijf met mijn trouwe Zweedse skärpt-mes en ik kan jullie vertellen: het zweet stond op mijn voorhoofd en het mes belandde nog net niet in mijn rug. Gelukkig zijn er tegenwoordig kleinere pompoenen die wat makkelijker te hanteren zijn. Ik herinner me dat ik de soep op smaak bracht met sinaasappelrasp en wat sap en dat ik iets van rozemarijn erin had gebruikt, smaken die de zachte, zoete smaak van pompoen goed aanvullen. Een tijdje later inspireerde Jamie Oliver mij om salie en chilipeper te gebruiken en dat is heel lang mijn favoriet gebleven. Koriander, Griekse yoghurt en gember doen het ook goed, het is dus maar net waar je zelf zin in hebt. Ik zal jullie nu een basisrecept geven dat jullie naar eigen smaak aan kunnen passen. Geniet van deze hartverwarmende soep!

Basisrecept pompoensoep

Voor 2 personen

Als basis voor de soep kun je beginnen met een soffrito: een fijngehakte ui, een stengel bleekselderij in boogjes en een wortel in dunne plakjes zachtjes fruiten in wat olijfolie. Ga je kruiden gebruiken, dan kun je ervoor kiezen om deze meteen mee te fruiten.

2 kleine oranje pompoenen
1 winterwortel
1-1,5 liter bouillon (kippen- of groentebouillon, zelf getrokken of een blokje)

optionele smaakmakers:
-een paar blaadjes salie (en een gedroogd chilipepertje of 1 vers gehakt rood pepertje, de zaadlijsten en zaadjes verwijderd). of
-1 takje rozemarijn (en een teentje knoflook fijngehakt) of
-1 duimlengte verse gember, fijngeraspt (op het laatst garneer je de soep dan met een dot Griekse yoghurt en wat fijngehakte verse koriander).

Pompoensoep (2)

Bereiding
1. Het goede nieuws is dat je de schil van een oranje pompoen niet hoeft te verwijderen. Dat scheelt alvast een hoop gedoe! Snij een schijfje aan de onderkant van de pompoen af zodat deze enigszins stabiel op je snijplank ligt. Neem een goed, scherp koksmes dat je er aan de bovenkant van de pompoen insteekt. Je kunt nu je gewicht gebruiken om het mes naar beneden te duwen. Als je pompoen wat groter is kun je eerst de ene helft van de pompoen op deze manier doorsnijden en daarna de andere. Verwijder daarna met een eetlepel de pitten en schraap ook de draden eruit. Hak de pompoen nu in grote stukken en doe in een ruime kom.
2. Was (en schil eventueel) de wortel en hak hem in grove schijven.
3. Verwarm een pan en giet er wat olijfolie in. Gooi nu de stukken pompoen en wortel erbij en bak al omscheppend, ik gok een minuut of 3.
4. Mocht je smaakmakers willen gebruiken zoals salie, rozemarijn of gember, dan bak je die meteen fijngehakt of geraspt mee.
5. Overgiet de pompoen nu met zoveel water of verse bouillon dat deze krap onderstaat en breng aan de kook. Als je een bouillonblokje gebruikt, doe dat er dan in op het moment dat de soep kookt. Belangrijk: gebruik liever wat minder water, je kunt altijd nog wat toevoegen als de soep na het pureren te dik blijkt. Pompoensoep hoort dik en fluwelig te zijn, niet dun en waterig.
6. Doe het deksel op de pan en laat een minuut of 20 zachtjes koken.
7. Pak nu je staafmixer tevoorschijn en pureren maar. Voeg eventueel wat water of verse bouillon toe als je de soep te dik vind en breng op smaak met zout en eventueel wat vers gemalen peper.
8. Nu is het leukste gedeelte aangebroken: opeten! Eet smakelijk!
9. Tip: pompoensoep combineert heel goed met een frisse groene salade, zoals de romanescosalade, een spinazie-doperwt-feta salade met citroensapdressing (uit mijn allereerste Jamie-boek) of een posteleinsalade met sinaasappelrasp en sap, geroosterde wal- of hazelnoten, verkruimelde geitenkaas en olijven. Als je vind dat je zo wel weer genoeg groenten gegeten hebt kun je natuurlijk ook kiezen voor brood met lekkere boter, wat geitenkaas of olijven.

Advertenties

Oh, Romanesco…!

Voor het volledige artikel met foto (in deze is dat zeker nodig, om dit romantische verhaal in de juiste context te kunnen plaatsen) klik HIER

Bij deze wil ik jullie verheugd mededelen dat er een nieuwe liefde is in mijn leven… Mag ik jullie voorstellen: Romanesco. Ik ben tot over mijn oren verliefd geworden. Dat was ik eigenlijk al jaren, heimelijk en, oh zo oppervlakkig op zijn prachtige uiterlijk, maar nu heeft Romano (zo mag ik hem noemen) mij helemaal in vervoering gebracht met zijn delicate smaak, is mijn maag gevuld met zijn robuuste koolstructuur en liet hij mijn moeheid als sneeuw voor de zon verdwijnen. Als dat geen totale liefde is…

Voor de duidelijkheid: Romanesco is uniek, het is geen broccoli en ook geen bloemkool, maar het is wel een koolsoort. Laat je niet afschrikken als Romano tijdens het blancheren een beetje de bekende muffe koollucht door je keuken verspreidt, de citroensapdressing pept hem onmiddellijk op. Een fijne bijkomstigheid is dat ik nu net lees dat Romano gezegend is met een grote hoeveelheid foliumzuur (vitamine B-11). Woehoe, op naar de markt allemaal!

Het recept wat ik jullie hier geef is uiterst simpel en biedt sensationele verfrissing naast een fluweelzachte pompoensoep. Die pompoensoep krijgen jullie binnenkort van me, nu wil ik dat alle schijnwerpers op Romano gericht zijn.

Romantische Romanesco (voor 2 personen, natuurlijk)

1 Romanesco
2-3 flinke handen vol jonge bladspinazie, liefst biologisch
1 bio-citroen (je raspt de schil)
extra vergine olijfolie (ja van goede kwaliteit, maar dat weet je;-)
een beetje fijngeraspte verse parmezaanse kaas

Bereiding:
1. Breng een pannetje water aan de kook.
2. Spoel Romano af onder de kraan en snij hem in roosjes, zoals je dat ook bij broccoli doet. Als je de grotere roosjes wilt halveren, doe dit dan vanaf het steeltje naar het roosje toe, op die manier kruimelt het minder en verlies je zo min mogelijk van die kostbare schat. Was en centrifugeer de spinazie.
3. Kook de roosjes (doe eerst de grote en voeg later de kleine toe) een paar minuten. Zoals gewoonlijk als ik iets nieuws uit probeer, let ik totaal niet op de klok, ik gok dat ik ze niet langer dan 5 min. heb geblancheerd en toen waren ze perfect al dente. Prik af en toe even met een scherp mesje in een steeltje, het mesje moet er vrij makkelijk ingaan, maar nog wel wat weerstand bieden.
4. Was ondertussen de citroen en rasp de schil fijn, zet apart. Maak de dressing: klop 4 eetlepels olijfolie met 2 eetlepels citroensap door elkaar en breng op smaak met wat zout en peper.
5. Giet de roosjes af en spoel onmiddellijk af onder de koude kraan.
6. Doe de roosjes in een schaal en besprenkel nu met de helft van de dressing, voeg het grootste gedeelte van de citroenrasp toe.
7. Schep, wanneer de roosjes enigzins zijn afgekoeld, de spinaziebladen er luchtig doorheen, met het restant van de dressing en het citroenraspsel. Rasp er wat parmezaanse kaas over en hussel nog eens lichtjes.

Voila, klaar bent u!

Het recept vor de pompoensoep komt spoedig tot u!

Voor het volledige artikel met foto (in deze is dat zeker nodig, om dit romantische verhaal in de juiste context te kunnen plaatsen) klik HIER

Puur

Klik HIER voor het volledige artikel mét foto’s!

‘De onbevangen geest geniet het meest’.

Het komt spontaan bij me op, en het is in elk geval volledig van toepassing op wat ik in de afgelopen 3 uur heb meegemaakt. Vanmorgen ontving ik totaal onverwacht een uitnodiging via Fuse voor een persbijeenkomst van Claudio Corallo. Het ging over chocola. Of ik zin had om langs te komen? Geen seconde hoef ik daarover na te denken, en na de kookles van vanmiddag sjees ik spoorslags naar Hotel Droog, om ondergedompeld te worden in de wereld van de pure chocola van Claudio. Wat pure chocola écht is, heb ik vanmiddag geleerd.
De schellen vallen van mijn ogen als ik hoor hoe het gros van de chocolade die jij en ik tot ons nemen geproduceerd wordt. Het voert te ver om hier alles precies technisch toe te lichten, maar wist je dat bij het gangbare proces de cacaoboter en de cacaopoeder van elkaar gescheiden worden en later weer samengeplakt worden (met behulp van emulgator sojalechtine, die naast suiker, meestal als 3e of zelfs als 2e op de ingrediëntenlijst van de chocola te vinden zijn.) Voor de duidelijkheid: deze procedures bezigt Claudio dus niet!

Claudio is van oorsprong plantkundige en heeft al 40 jaar ervaring met de cacao en koffie, die hij overigens op zeer smaakvolle wijze weet samen te brengen, maar daarover later meer. De Italiaan woont sinds zijn 23ste in Afrika, waar hij zijn hart verpandde aan de cacao- en koffieplant. Koffie en cacao worden vaak geassocieerd met bitter, en van die smaak is niet iedereen gecharmeerd. Dat deze bitterheid niet noodzakelijk is, laat Claudio zien in de liefdevolle wijze waarop hij zijn chocola produceert.
We beginnen de proeverij met gedroogde, gefermenteerde cacaobonen, en inderdaad: geen spoortje bitterheid te bekennen, noch zurige tonen die je vaak bij pure chocola proeft.
Daarna krijgen we diverse soorten chocola te proeven, de ene soort nog hemelser en intenser van smaak dan de andere. Mijn persoonlijke favoriet is de 73,5% chocola met nibs erin (de nib is de grofgemalen cacaoboon zelf), maar ook de gechocolateerde koffiebonen met elk hun eigen smaaksensatie, zijn niet te versmaden: bij de één proef je eerst de chocola, en explodeert de koffie in je mond, bij de ander is het precies andersom, en ook aan degenen die van evenwicht houden heeft Claudio gedacht. Tevens leren we de chocola in onze hand iets te verwarmen, ideaal is een temperatuur van rond de 28 graden, zo komt de smaak het meeste los. Dus ophouden met chocola in de koelkast bewaren, en het hoeft dus geen ‘krak’ te zeggen als je een stuk afbreekt, basta!

Wat bij elke soort opvalt is dat je steeds de smaak van de cacao proeft, iets wat bij de meeste, zelfs ‘pure chocola’ vaak niet meer het geval is: de suiker voert de boventoon en daaruit moet je dan maar de cacao zien te destilleren. Claudio voegt overigens wel suiker toe aan zijn chocola, maar de cacao, of de koffie, staan altijd voorop. Er wordt niets verdoezeld: bij één soort kon je de korrelige structuur van de kristalsuiker duidelijk onderscheiden, wat juist een aangename crunchy bite gaf, een beetje als butterscotch.
De tijd vliegt voorbij en ik geniet van Claudio, die glunderend en bevlogen en tegelijkertijd ingetogen en bescheiden zijn verhaal in het Frans doet, waarbij hij zich zo nu en dan verontschuldigt voor het technische verhaal, maar benadrukt dat dat essentieel is om te begrijpen hoe de chocola tot stand komt. Ik kan jullie van harte aanraden om zijn chocola en/of koffie zelf uit te proberen. Ga rustig op zijn prachtige website rondkijken, en trakteer jezelf! Laat je niet afschrikken door de prijzen, die misschien hoog lijken, maar bedenk dat wat je krijgt puur is, en je verzadigd bent na één stukje en het gemaakt is met hart en ziel, door iemand die zijn hele leven hieraan wijdt… Zelf ga ik alvast sparen voor een ticket om op de plantage te kijken, dat moet werkelijk magisch zijn..!

Klik HIER voor het volledige artikel mét foto’s!

Pasta Facile

Klik HIER voor het volledige artikel mét foto’s!

Het lijkt wel alsof ik me in Italië bevind: overal om me heen hoor ik Italiaans: in de stad, en zelfs toen ik gister voor pampus lag (letterlijk) aan het IJsselmeer. Wisten jullie dat Pampus een eiland is in de voormalige Zuiderzee, en dat schepen daar dus letterlijk voor Pampus lagen? Dit weekend werd ik van dit feit op de hoogte gebracht door mijn vader, die, hoewel hem de officiële titel nooit is toegedicht, voor mij toch een ware professor is!
De Italiaanse koorts uitte zich vandaag actief in het kopen van een schitterende Italiaanse glazen kan met bijbehorende glaasjes, aangeschaft op de Noordermarkt. Met de bedienende mannen van de kraam nog wat extra aandacht besteed aan mijn Toscaanse droom, die waarheid zal worden, hoewel nog onbekend binnen welk tijdsbestek. Omdat ik dus in Toscane ga wonen, en ik Amsterdam en de Noord-Hollandse landschappen en wolkenluchten dan enorm zal missen, ben ik vandaag begonnen een fotoserie te maken in de weilanden bij Ransdorp, en heb ik zelf de penseel weer eens ter hand genomen, hopende dat tegen de tijd dat ik echt zuidwaarts zal afreizen er voldoende materiaal is waar ik vanuit mijn Toscaanse landgoed af en toe deemoedig naar kan turen.

Van al deze avonturen kreeg ik reuze trek, die thuis onmiddellijk gestild moest worden met een
snelle, simpele pasta (facile betekent makkelijk, spreek uit: faatsjiele). Met een kwartier te realiseren, en met de trek die uw schrijfster had gekregen na al die verse buitenlucht binnen het kwartier verorberd.

2 personen
1-2 courgettes (probeer biologische te kopen, die zijn kleiner en daardoor smakelijker en minder zompig)
een bosje verse (wilde) oregano, een mix van salie, tijm en oregano mag ook
1-2 teentjes verse knoflook
zeezout (van goede kwaliteit, bijvoorbeeld de vlokken van Maldon)
zwarte peper uit de molen

Nog even een kleine notitie: gebruik voor dit gerecht, zoals voor alle simpele (Italiaanse) gerechten producten van goede kwaliteit, doe het echt, want je proeft het verschil!!!

Bereiding
1. Was de courgette(s) en snij in plakken van ongeveer 1cm dik (als de courgette heel dik is, over de lengte doorsnijden en dan plakken maken).
2. Water opzetten voor de pasta en in gezouten water gaarkoken volgens de aanwijzingen op de verpakking.
3. Knoflook fijnhakken.
4. Pan met dikke bodem op het vuur, beetje olijfolie erin, takje oregano, teentje knoflook en dan courgette meebakken.
5. Nu royaal oreganoblaadjes toevoegen en de courgette bakken onder voortdurend omscheppen.
6. Pasta afgieten, en goed met de courgettes en oregano omscheppen. Op smaak brengen met wat zwarte peper en zeezout, een scheutje extra olijfolie van goede kwaliteit toevoegen en nog wat extra verse oregano.
7. Opdienen in een mooi diep bord en genieten van deze hemelse eenvoud. Het bord dat je hier op de foto ziet is niet Italiaans, maar wel heel geschikt voor pasta, waarover Hans (de man waar ik de Italiaanse kan kocht) het roerend eens waren.

Wil je dit gerecht wat chiquer maken?-Je kunt zelfgedraaide pasta maken. Dan duurt het natuurlijk wel wat langer, het recept hiervoor zal ik binnenkort op dit blog prijsgeven.
-Je kunt er heel lekker kip van de bbq bij eten, of serveren met involtini (rolletjes van lapjes kip- of varkensvlees, met een plakje pancetta en wat van de kruiden die je ook voor de pasta gebruikt, zoals oregano en salie, eventueel wat rozemarijn of tijm). Binnenkort het recept op dit blog!

Klik HIER voor het volledige artikel mét foto’s!

Fruit-Koning(in)

P1010012
Een dag zonder fruit is een dag niet geleefd, is mijn credo. Ik ben dól op fruit, in alle vormen en variaties die er bestaan. Mensen verbazen zich vaak over mijn enorme, uitpuilende fruitschaal. Ik hap kílo’s weg. In een week tijd is de schaal leeg en moeten er weer nieuwe voorraden aangerukt worden. Zoals een gulzige muis een blokje kaas verorbert, zo ben ik met fruit. Waarschijnlijk is dit, naast al mijn andere tics en rariteiten de gezondste.
Momenteel hap ik volop in sappige appels (skrunsj, tsjomp, tsjomp, skrunsj etc.), verwerk ik Rode van Boskoop (dat zijn Goudreinetachtige appels) tot moes, verdwijnen honingzoete peren spoorslags door mijn keelgat, of laat ik het sap van mandarijnen tegen mijn gehemelte spatten.
Wat exotisch fruit betreft is de ananas de laatste tijd regelmatig op de fruitschaal te vinden. Met ananas weet je het nooit, hij kan perfect rijpen op de fruitschaal, maar ze kunnen ook buitengewoon muf en raar smaken. Het is een kwestie van gevoel en geluk om de juiste te pakken te krijgen. Wel vraag ik me dikwijls af hoe het is met de mensen die tewerkgesteld worden op ananasplantages. Doorgaans betreft de herkomst van deze vrucht verre oorden, zoals Costa Rica. Een fairtrade label heb ik nog nooit kunnen ontdekken, behalve als je biologische neemt, maar die vond ik tegenvallen wat smaak betreft. En ik hou nou net zo van de zoete sappigheid, een ananas die het punt van perfecte rijpheid heeft bereikt en waarvan de smaak in de verte doet denken aan kokos, mmm.
In de Dikke van Dam schrijft Johannes dat ananas in vroeger tijden als koning van de vruchten werd beschouwd en er zelfs afbeeldingen van ananassen op dakranden, hekken en serviesgoed verschenen, als symbool van macht, welvaart en gastvrijheid. En ik vraag mij dus ten zeerste af, of onze welvaart van nu (in deze: het eten van ananas), wederom tot ons komt over de rug van andere, arme, hardwerkende mensen die voor een hongerloon ons in onze ananasbehoefte voorzien. Tips voor goede biologische, doch smakelijke ananassen zijn zéér welkom!
Voor mijn gevoel heeft de ananas een reinigende werking, en als ik nog even verder blader in de Dikke van Dam lees ik dat je wel een beetje moet oppassen met de inname van ananas: er zit namelijk bromeline in: ‘Bromeline doet gelatine uiteenvallen en maakt vlees malser, zo sterk zelfs dat het uit elkaar kan vallen als je niet oppast. […] wie in de ananas industrie werkt, moet handschoenen dragen, anders worden je handen opgegeten’. Met andere woorden: als je heel veel ananas eet, bestaat het gevaar dat je oplost!

P1060452

Genoeg gekletst, het is tijd voor een verrassend sapje met ananas erin:

Voor ongeveer 300 ml sap:
1 plak ananas van 2-3 cm
1 grote wortel
1 appel
1 mandarijn
3 takjes munt
eventueel een stukje gember van 2 cm.

Gooi alle ingrediënten in de sapcentrifuge en drink direct op.

Het is niet ondenkbaar dat deze combinatie je nogal vreemd toeschijnt, maar probeer het eens, je zult verrast zijn! De munt bindt alle smaken mooi samen en de mandarijn en appel geven een frisse twist aan de zoete ananas en wortel. En voor de bezorgde lezer: nee, van deze hoeveelheid ananas los je niet op.

Afsluitende tip: laatst stuitte ik op de frisse en inspirerende site van Groene Meisjes. Zij hebben naast sapjes, ook ideeën over wat je kunt maken van het overgebleven pulp van je sap, bijvoorbeeld wortel-muffins maken!

Ciao, ciao Amore!

P1010878
P1010744
P1010735
P1010722
P1010656
P1010651
P1010633
P1010614
P1010605

Naast Frankrijk is Italië mijn tweede Grote Liefde. Toch voelt Frankrijk meer als vakantieland, en Italië voelt als thuis. Het begon allemaal met Paolo Conte. Toen ik een jaar of vier, vijf was, werd hij heel populair, en mijn ouders hadden het vaak op staan. Al gauw vond ik het ook prachtig en zette ik zelf de casettebandjes aan. Op een keer gingen mijn ouders naar een concert, en kwam de buurman op mij passen. Hoogst verontwaardigd was ik, ik was toch zeker groot, groot genoeg om ook mee te gaan?! Toen ik negen was, nam mijn moeder mij als verrassing mee naar het Congresgebouw in Den Haag, alwaar Paolo optrad. Ik vond het fantastisch, was de allerjongste en voelde me de koningin te rijk. Aan het eind stond iedereen op om te klappen. Mijn moeder zei: “ga maar op je stoel staan”:. Dat wilde ik niet, want ik was groot. Om het even later tóch te doen, omdat ik anders niks zag…
Een ander Italiaans fenomeen waarmee ik al vroeg in mijn leven kennismaakte was Luciano Fontana, door mij indertijd ‘Dortsiano’ genoemd en, net als vele mannen was hij in mijn ogen zeer gevreesd. Voor zijn vrouw en voor het goddelijke eten was ik daarentegen helemaal niet bang en toen ik jaren later in Italië pancetta at, dacht ik maar één ding: dit smaakt naar Luciano!
De eerste keer in dat ik daadwerkelijk naar Italië afreisde was met mijn ouders en broertje in de buurt van het Lago Maggiore. Ik kan wel concluderen dat Italië toen zoetjesaan is begonnen om onze harten te veroveren. Na mijn eindexamen kreeg ik als prachtig cadeau een reis naar Rome, waar ik naast veel kunst, cultuur en plezier, voor het eerst echt kennismaakte met de royale complimenteuze opmerkingen van de Italiaanse mannen. Daarna volgden er nog heel wat bezoeken aan Italië: nog meer Lago Maggiore, een schitterende reis door Venetië, Florence en nog eens naar Rome, het waanzinnig mooie Sardinië, en de laatste keer was in Toscane, met Mámá, we logeerden toen bij het fantastische, gastvrije verblijf van Karin en haar Italiaanse man, Fattoria San Martino in Montepulciano (zie foto’s). En later ga ik in Toscane wonen. Dat weet ik heel, heel, heel zeker.

Voor nu hou ik het bij Italiaans koken en bezoekjes aan Bella Storia. Zodra ik daar naarbinnen stap, word ik onmiddellijk overspoeld door geluk: de Italiaanse radio staat aan, het eten dat verleidelijk in de vitrine ligt uitgestald, de supervriendelijke Italianen die het runnen, al ga ik er maar even heen om een worstje te halen, ik ruik Italië en het voelt alsof ik thuiskom. Ik heb er geen verklaring voor, ik weet alleen dat het zo ís.

Het simpelste Italiaanse gerecht dat ik ken is spaghetti met rode peper, knoflook en peterselie. Klaar in een oogwenk en werkelijk delicioso!

P1060250
P1060258

Voor 1 persoon (met véél trek)

150 gram spaghetti of linguine
een halve of hele rode peper (check met het puntje van je tong de scherpte), zaadjes verwijderd, in halve ringetjes gesneden
1 teentje knoflook, geplet en fijngehakt
olijfolie (uiteraard van goede kwaliteit)
klein handje fijngehakte peterselie

Bereiding:
1. Kook de pasta volgens de aanwijzingen op de verpakkingen al dente.
2. Hak de peper en knoflook.
3. Verhit een pan met dikke bodem, doe er wat olie in en fruit de peper en knoflook kort (het mag niet gaan kleuren!)
4. Giet de pasta af en vermeng met de peper en knoflook.
5. Breng eventueel op smaak met wat zout en schep de peterselie erdoor.
6. Mangiare immediatamente!

Aanvullingen:
-op de huid gebakken of gegrilde dorade, om het wat substantieler en chiquer te maken
-kort gebakken tijgergarnalen (voor nog meer smaak: marineer de garnalen enige tijd in fijngehakte rode peper, knoflook, wat citroensap en fijngehakte peterselie).

Musica: Ciao, Ciao Amore! Adriano Celentano

Koekjes!

P1060170

Gisteren stond ik in de rij voor de kassa. Er lagen alweer speculaasjes. Heel strategisch, zo bij de kassa. Ik wist me te beheersen, tot ik op de fiets naar huis opeens dacht aan zelfgemaakte chocolatechip cookies, uit het Comfortfoodboek van Janneke Vreugendhil. En als er wel iets is waar ik nu zin in heb, is het in comfort. Deze koekjes zijn snel gemaakt en véél lekkerder dan enig ander supermarktkoekje. En je huis ruikt naar verse koekjes!

Hieronder het recept van Janneke, met wat kleine aanvullingen van mij:

Chocolate Chip Cookies

85 gram roomboter, op kamertemperatuur
60 gram kristalsuiker
70 gram bruine basterdsuiker
1 ei
het merg uit een half vanillestokje
snufje zout
135 gram zelfrijzend bakmeel
100 gram chocola, (Janneke neemt in haar recept witte, ik hou van puur, doe wat jij lekker vindt!)

Bereiding
1. Oven voorverwarmen op 180 graden en alvast 2 bakplaten met bakpapier bekleden (of, in twee keer bakken).
2. Hak de chocola, ongeveer elk blokje in vieren.
3. Doe de boter en de suikers in een kom en klop met de mixer tot een luchtig mengsel (dit gaat vrij snel).
4. Voeg het ei toe en mix nog 1-2 minuten.
5. Voeg het vanillemerg en een snuf je zout toe en mix zo snel mogelijk tot een homogeen deeg.
6. Mix nu vlug het zelfrijzend bakmeel door het mengsel en
7. Schep met de spatel de chocoladestukjes erdoorheen.
8. Pak 2 lepels en maak daarmee deegballetjes ter grootte van een flinke walnoot, of gebruik een ijslepel (zo een waar je in knijpt) en leg de balletjes op de bakplaten.
9. Bak de koekjes in 10-12 minuten gaar. De koekjes moeten aan de buitenste rand gekleurd zijn en in het midden nog een beetje zacht blijven, dan zijn ze precies chewy genoeg (aldus Gerhard van Bakkerij Uprising).
10. Schuif de koekjes met bakpapier en al op een rooster en laat afkoelen. Laat ze een beetje afkoelen en proef er alvast één terwijl de chocola nog zacht is…

Aanvullingen:
-volgens Jan’s recept komen hier ongeveer 12 koekjes uit, ik had er wel 16 en, met grotere balletjes.
-het is echt zeer aan te raden om het deeg niet met je handen aan te raken, want het is héél plakkerig!
-als je in 2 etappes bakt: zet het deeg dat je overhebt eventjes in de vriezer of koelkast als je bang bent dat het deeg te zacht wordt.

Serveer met (verse) verveine thee, koffie of warme chocolademelk.