Categorie: Recepten

Oranje boven: Pompoensoep!

Pompoensoep

Vandaag is het 27 april. Het is een feestelijke dag, want de koning is jarig! Vandaag is de dag waarop ik hoopte dat ie zou komen, want dit is dé dag, waarop ik mijn blog heropen!
Welkom, trouwe lezers, welkom nieuwe lezers! Ik hoop jullie opnieuw te inspireren om zo af en toe, als je zin hebt, over de markt te slenteren en te genieten van de afwisselende kleurenpracht van groentes en fruit die de seizoenen ons te bieden hebben en daarvan iets mee naar huis te nemen. Ik hoop dat jullie nieuwsgierigheid geprikkeld wordt, om nieuwe dingen uit te proberen, en er nieuwe geuren uit lokale en verre culturen uit jullie keukens opstijgen. En vooral hoop ik, dat jullie ervan genieten om het eten dat uit die keukens komt, met elkaar te delen!

Pompoensoep

Als ik mijn laatste stukje herlees, zie ik dat ik jullie beloofd heb om jullie te trakteren op pompoensoep. Welnu, laat ik deze belofte na een slordige anderhalf jaar schrijfstilte nu meteen inlossen. Soep is een fantastische verwarmende maaltijd die altijd vreugde geeft. Het begint al met zo’n pan die daar dan gezellig op het fornuis staat, terwijl je zelf lekker achterover kunt leunen in de wetenschap dat je straks enkel nog je staafmixer uit je keukenkastje tevoorschijn hoeft te pakken en hooguit nog wat zout en kruiden hoeft toe te voegen.
Pompoensoep is al jaren één van mijn grote favorieten, ontzettend simpel en eindeloos veelzijdig. De eenvoudigste vorm die ik tot nu toe ben tegengekomen is de pompoensoep van Claudia Roden, die in feite bestaat uit het in kippenbouillon koken van de pompoen.
De eerste keer dat ik zelf pompoensoep maakte weet ik nog goed. In mijn nooit aflatende enthousiasme om nieuwe dingen uit te proberen had ik een grote oranje pompoen meegesleept naar de mini-keuken van mijn tijdelijke huisje. Ik ging de pompoen te lijf met mijn trouwe Zweedse skärpt-mes en ik kan jullie vertellen: het zweet stond op mijn voorhoofd en het mes belandde nog net niet in mijn rug. Gelukkig zijn er tegenwoordig kleinere pompoenen die wat makkelijker te hanteren zijn. Ik herinner me dat ik de soep op smaak bracht met sinaasappelrasp en wat sap en dat ik iets van rozemarijn erin had gebruikt, smaken die de zachte, zoete smaak van pompoen goed aanvullen. Een tijdje later inspireerde Jamie Oliver mij om salie en chilipeper te gebruiken en dat is heel lang mijn favoriet gebleven. Koriander, Griekse yoghurt en gember doen het ook goed, het is dus maar net waar je zelf zin in hebt. Ik zal jullie nu een basisrecept geven dat jullie naar eigen smaak aan kunnen passen. Geniet van deze hartverwarmende soep!

Basisrecept pompoensoep

Voor 2 personen

Als basis voor de soep kun je beginnen met een soffrito: een fijngehakte ui, een stengel bleekselderij in boogjes en een wortel in dunne plakjes zachtjes fruiten in wat olijfolie. Ga je kruiden gebruiken, dan kun je ervoor kiezen om deze meteen mee te fruiten.

2 kleine oranje pompoenen
1 winterwortel
1-1,5 liter bouillon (kippen- of groentebouillon, zelf getrokken of een blokje)

optionele smaakmakers:
-een paar blaadjes salie (en een gedroogd chilipepertje of 1 vers gehakt rood pepertje, de zaadlijsten en zaadjes verwijderd). of
-1 takje rozemarijn (en een teentje knoflook fijngehakt) of
-1 duimlengte verse gember, fijngeraspt (op het laatst garneer je de soep dan met een dot Griekse yoghurt en wat fijngehakte verse koriander).

Pompoensoep (2)

Bereiding
1. Het goede nieuws is dat je de schil van een oranje pompoen niet hoeft te verwijderen. Dat scheelt alvast een hoop gedoe! Snij een schijfje aan de onderkant van de pompoen af zodat deze enigszins stabiel op je snijplank ligt. Neem een goed, scherp koksmes dat je er aan de bovenkant van de pompoen insteekt. Je kunt nu je gewicht gebruiken om het mes naar beneden te duwen. Als je pompoen wat groter is kun je eerst de ene helft van de pompoen op deze manier doorsnijden en daarna de andere. Verwijder daarna met een eetlepel de pitten en schraap ook de draden eruit. Hak de pompoen nu in grote stukken en doe in een ruime kom.
2. Was (en schil eventueel) de wortel en hak hem in grove schijven.
3. Verwarm een pan en giet er wat olijfolie in. Gooi nu de stukken pompoen en wortel erbij en bak al omscheppend, ik gok een minuut of 3.
4. Mocht je smaakmakers willen gebruiken zoals salie, rozemarijn of gember, dan bak je die meteen fijngehakt of geraspt mee.
5. Overgiet de pompoen nu met zoveel water of verse bouillon dat deze krap onderstaat en breng aan de kook. Als je een bouillonblokje gebruikt, doe dat er dan in op het moment dat de soep kookt. Belangrijk: gebruik liever wat minder water, je kunt altijd nog wat toevoegen als de soep na het pureren te dik blijkt. Pompoensoep hoort dik en fluwelig te zijn, niet dun en waterig.
6. Doe het deksel op de pan en laat een minuut of 20 zachtjes koken.
7. Pak nu je staafmixer tevoorschijn en pureren maar. Voeg eventueel wat water of verse bouillon toe als je de soep te dik vind en breng op smaak met zout en eventueel wat vers gemalen peper.
8. Nu is het leukste gedeelte aangebroken: opeten! Eet smakelijk!
9. Tip: pompoensoep combineert heel goed met een frisse groene salade, zoals de romanescosalade, een spinazie-doperwt-feta salade met citroensapdressing (uit mijn allereerste Jamie-boek) of een posteleinsalade met sinaasappelrasp en sap, geroosterde wal- of hazelnoten, verkruimelde geitenkaas en olijven. Als je vind dat je zo wel weer genoeg groenten gegeten hebt kun je natuurlijk ook kiezen voor brood met lekkere boter, wat geitenkaas of olijven.

Advertenties

Oh, Romanesco…!

Voor het volledige artikel met foto (in deze is dat zeker nodig, om dit romantische verhaal in de juiste context te kunnen plaatsen) klik HIER

Bij deze wil ik jullie verheugd mededelen dat er een nieuwe liefde is in mijn leven… Mag ik jullie voorstellen: Romanesco. Ik ben tot over mijn oren verliefd geworden. Dat was ik eigenlijk al jaren, heimelijk en, oh zo oppervlakkig op zijn prachtige uiterlijk, maar nu heeft Romano (zo mag ik hem noemen) mij helemaal in vervoering gebracht met zijn delicate smaak, is mijn maag gevuld met zijn robuuste koolstructuur en liet hij mijn moeheid als sneeuw voor de zon verdwijnen. Als dat geen totale liefde is…

Voor de duidelijkheid: Romanesco is uniek, het is geen broccoli en ook geen bloemkool, maar het is wel een koolsoort. Laat je niet afschrikken als Romano tijdens het blancheren een beetje de bekende muffe koollucht door je keuken verspreidt, de citroensapdressing pept hem onmiddellijk op. Een fijne bijkomstigheid is dat ik nu net lees dat Romano gezegend is met een grote hoeveelheid foliumzuur (vitamine B-11). Woehoe, op naar de markt allemaal!

Het recept wat ik jullie hier geef is uiterst simpel en biedt sensationele verfrissing naast een fluweelzachte pompoensoep. Die pompoensoep krijgen jullie binnenkort van me, nu wil ik dat alle schijnwerpers op Romano gericht zijn.

Romantische Romanesco (voor 2 personen, natuurlijk)

1 Romanesco
2-3 flinke handen vol jonge bladspinazie, liefst biologisch
1 bio-citroen (je raspt de schil)
extra vergine olijfolie (ja van goede kwaliteit, maar dat weet je;-)
een beetje fijngeraspte verse parmezaanse kaas

Bereiding:
1. Breng een pannetje water aan de kook.
2. Spoel Romano af onder de kraan en snij hem in roosjes, zoals je dat ook bij broccoli doet. Als je de grotere roosjes wilt halveren, doe dit dan vanaf het steeltje naar het roosje toe, op die manier kruimelt het minder en verlies je zo min mogelijk van die kostbare schat. Was en centrifugeer de spinazie.
3. Kook de roosjes (doe eerst de grote en voeg later de kleine toe) een paar minuten. Zoals gewoonlijk als ik iets nieuws uit probeer, let ik totaal niet op de klok, ik gok dat ik ze niet langer dan 5 min. heb geblancheerd en toen waren ze perfect al dente. Prik af en toe even met een scherp mesje in een steeltje, het mesje moet er vrij makkelijk ingaan, maar nog wel wat weerstand bieden.
4. Was ondertussen de citroen en rasp de schil fijn, zet apart. Maak de dressing: klop 4 eetlepels olijfolie met 2 eetlepels citroensap door elkaar en breng op smaak met wat zout en peper.
5. Giet de roosjes af en spoel onmiddellijk af onder de koude kraan.
6. Doe de roosjes in een schaal en besprenkel nu met de helft van de dressing, voeg het grootste gedeelte van de citroenrasp toe.
7. Schep, wanneer de roosjes enigzins zijn afgekoeld, de spinaziebladen er luchtig doorheen, met het restant van de dressing en het citroenraspsel. Rasp er wat parmezaanse kaas over en hussel nog eens lichtjes.

Voila, klaar bent u!

Het recept vor de pompoensoep komt spoedig tot u!

Voor het volledige artikel met foto (in deze is dat zeker nodig, om dit romantische verhaal in de juiste context te kunnen plaatsen) klik HIER

Pasta Facile

Klik HIER voor het volledige artikel mét foto’s!

Het lijkt wel alsof ik me in Italië bevind: overal om me heen hoor ik Italiaans: in de stad, en zelfs toen ik gister voor pampus lag (letterlijk) aan het IJsselmeer. Wisten jullie dat Pampus een eiland is in de voormalige Zuiderzee, en dat schepen daar dus letterlijk voor Pampus lagen? Dit weekend werd ik van dit feit op de hoogte gebracht door mijn vader, die, hoewel hem de officiële titel nooit is toegedicht, voor mij toch een ware professor is!
De Italiaanse koorts uitte zich vandaag actief in het kopen van een schitterende Italiaanse glazen kan met bijbehorende glaasjes, aangeschaft op de Noordermarkt. Met de bedienende mannen van de kraam nog wat extra aandacht besteed aan mijn Toscaanse droom, die waarheid zal worden, hoewel nog onbekend binnen welk tijdsbestek. Omdat ik dus in Toscane ga wonen, en ik Amsterdam en de Noord-Hollandse landschappen en wolkenluchten dan enorm zal missen, ben ik vandaag begonnen een fotoserie te maken in de weilanden bij Ransdorp, en heb ik zelf de penseel weer eens ter hand genomen, hopende dat tegen de tijd dat ik echt zuidwaarts zal afreizen er voldoende materiaal is waar ik vanuit mijn Toscaanse landgoed af en toe deemoedig naar kan turen.

Van al deze avonturen kreeg ik reuze trek, die thuis onmiddellijk gestild moest worden met een
snelle, simpele pasta (facile betekent makkelijk, spreek uit: faatsjiele). Met een kwartier te realiseren, en met de trek die uw schrijfster had gekregen na al die verse buitenlucht binnen het kwartier verorberd.

2 personen
1-2 courgettes (probeer biologische te kopen, die zijn kleiner en daardoor smakelijker en minder zompig)
een bosje verse (wilde) oregano, een mix van salie, tijm en oregano mag ook
1-2 teentjes verse knoflook
zeezout (van goede kwaliteit, bijvoorbeeld de vlokken van Maldon)
zwarte peper uit de molen

Nog even een kleine notitie: gebruik voor dit gerecht, zoals voor alle simpele (Italiaanse) gerechten producten van goede kwaliteit, doe het echt, want je proeft het verschil!!!

Bereiding
1. Was de courgette(s) en snij in plakken van ongeveer 1cm dik (als de courgette heel dik is, over de lengte doorsnijden en dan plakken maken).
2. Water opzetten voor de pasta en in gezouten water gaarkoken volgens de aanwijzingen op de verpakking.
3. Knoflook fijnhakken.
4. Pan met dikke bodem op het vuur, beetje olijfolie erin, takje oregano, teentje knoflook en dan courgette meebakken.
5. Nu royaal oreganoblaadjes toevoegen en de courgette bakken onder voortdurend omscheppen.
6. Pasta afgieten, en goed met de courgettes en oregano omscheppen. Op smaak brengen met wat zwarte peper en zeezout, een scheutje extra olijfolie van goede kwaliteit toevoegen en nog wat extra verse oregano.
7. Opdienen in een mooi diep bord en genieten van deze hemelse eenvoud. Het bord dat je hier op de foto ziet is niet Italiaans, maar wel heel geschikt voor pasta, waarover Hans (de man waar ik de Italiaanse kan kocht) het roerend eens waren.

Wil je dit gerecht wat chiquer maken?-Je kunt zelfgedraaide pasta maken. Dan duurt het natuurlijk wel wat langer, het recept hiervoor zal ik binnenkort op dit blog prijsgeven.
-Je kunt er heel lekker kip van de bbq bij eten, of serveren met involtini (rolletjes van lapjes kip- of varkensvlees, met een plakje pancetta en wat van de kruiden die je ook voor de pasta gebruikt, zoals oregano en salie, eventueel wat rozemarijn of tijm). Binnenkort het recept op dit blog!

Klik HIER voor het volledige artikel mét foto’s!

Licht & Simpel

Klik voor het volledige artikel met foto’s HIER!

Het is zomer: tijd om rustig aan te doen, ook in de keuken. Groene salades, gegrilde groentes, frisse gazpacho en gestoomde vis. Mijn manier van koken transformeert zich verder en verder tot het gebruiken van nóg minder ingrediënten, combinaties van simpele smaken die het beste in elkaar naar boven halen of elkaar subtiel aanvullen.
Afgelopen zaterdag, toen de mussen van het dak vielen van de hitte, op het laatste moment besloten vis te kopen. In de vitrine prijkte een schitterende roodbaars. Een enorme vis, die gelukkig gereduceerd kon worden tot een filet. Van de markt vers citroentijm en basilicum, en bospeen en, van de vorige dag nog wat gekookte opperdoezer ronde aardappeltjes (probeer deze echt een keer, ze smaken ongelofelijk delicaat, je zult verrast zijn!).

De bereiding van dit zomerse maal is, zoals Maarten ’t Hart dat zo mooi verwoordde in Maartens Moestuin , van opperste eenvoud.

Voor 2 personen
1 bos bospeen (liefst biologisch, omdat die veel intenser smaken)
2 witvisfilets of moten, bijvoorbeeld roodbaars, rode poon of kabeljauw
citroentijm (of gewone tijm)
opperdoezer rondes (aardappeltjes, een klein pond voor 2 personen of minder al, naar gelang je trek)
1 citroen

Bereiding
1. Borstel de aardappels onder de kraan goed schoon en kook ze in hun geheel, in de schil (zo blijft de smaak beter behouden)
in een minuut of 15 a 20 gaar.
2. Was ondertussen de worteltjes en boen ook die schoon. Laat nog een klein stukje van het groen zitten, dat ziet er straks leuk uit op je bord;-).
3. Kook de worteltjes, een minuut of 10, je moet er in kunnen prikken, maar zorg wel dat ze nog een beetje stevig blijven en hun bite behouden.
4. Vul stoompan (ik bedoel zo een met zo’n vergiet erin, die je ook gebruikt voor pasta of rijst) met een laagje water, leg de vis in het ‘vergiet’ op een paar plakjes citroen. Bestrooi de vis met zout en peper.
5. Breng eerst het water in de pan aan de kook en hang dan het vergiet met deksel erboven.
6. De vis al naar gelang de dikte van de vis een minuut of 10 gaar stomen, als de vis makkelijk loslaat van de graat is hij gaar. Hou dit goed in de gaten, want juist bij zo’n simpel gerecht als dit is het belangrijk dat de vis niet te droog wordt!
7. Giet ondertussen de aardappeltjes en worteltjes af en roer er een klontje boter door, voeg nog een beetje (citroen) tijm toe.
8. Leg de worteltjes op een bord en daarop de vis. Afmaken met wat citroenbasilicum (als je daaraan kunt komen, en anders nog wat (citroen) tijm.

Muziektip: Avery Sunshine- The Sunroom, ontmoet deze prachtige Lady of Soul hier!

Klik voor het volledige artikel met foto’s HIER!

Tijd

Klik voor het volledige artikel mét foto’s HIER!

In onze maatschappij lijkt het wel alsof iedereen tijd tekort komt. We staan met één been onder de douche terwijl we boterhammen voor onze kinderen smeren en tegelijkertijd onze email checken op de telefoon. We rennen met ongekamde haren de trein in, om vervolgens, daar komt ie weer, snel op onze telefoon te kijken wat we in de haastrit van huis naar het station hebben gemist. En als we dan eindelijk ‘vrij’ zijn, zijn we moe, zo moe dat we geen zin meer hebben om boodschappen te doen en te koken.

Zo kan het écht niet langer! Mijn credo is al jaren: ‘eet vers en gevarieerd’ (dus zoveel mogelijk met de seizoenen mee), kook met liefde, plezier, aandacht én, bedacht ik me, terwijl ik mijn tomatensoep met verse kruiden en zelfgedraaide lamsgehaktballetjes naarbinnen lepelde: néém de tijd. Afgelopen week heb ik een experiment uitgevoerd met betrekking tot tijd. In plaats van tegen de klippen op allerlei lijstjes af te werken, ben ik gewoon gaan doen waar ik op dat moment zin in had. Dit betekent niet dat je niets doet, voor verantwoordelijkheden wegloopt of lui bent, maar ik ondervond simpelweg dat het tijd oplevert én energie bespaart om de zaken in het leven wat meer op zijn natuurlijke beloop te laten. Ik merkte dat ik me heel ontspannen voelde, en dat ik veel meer dingen gedaan kreeg op een dag. Dus het ís waar: less is more.

Besteed zoveel mogelijk tijd aan de dingen die werkelijk van belang zijn: fijne momenten beleven met vrienden, familie, collega’s, een dagje naar de sauna, een wandeling door het bos, een kopje koffie in de zon, goed voor je lichaam zorgen. Veel van deze dingen kun je heel makkelijk dagelijks beleven, als je de moeite neemt om er aandacht aan te besteden. En eten hoort ook bij die belangrijke zaken, en ik vind dat we daar veel te weinig tijd voor nemen. Daarmee bedoel ik absoluut niet dat je elke dagen uren in de pannen moet roeren, maar wel dat je even aandacht besteed aan wat je op gaat eten. Maak soep voor 2 dagen, marineer de avond van te voren een kip die je de volgende dag in de oven schuift en waar je nog wat aardappeltjes en groenten mee laat garen. Kijk, als je toch op je telefoon zit te gluren in de trein, even op dit blog, of een van de vele andere kookpagina’s die het wereldwijde web rijk is.

Boodschappen

Ga, al is het maar af en toe eens niet naar de supermarkt, maar naar de plaatselijke Turkse of Marokkaanse groenteboer, de bakker of de slager maak en praatje, wandel over de markt, laat je verleiden door de zoete geur van aardbeien, koop een royale bos pioenrozen voor jezelf, zet je leukste muziek op en ga, op je dooie gemak in de keuken aan de slag. Je zult zien, dat wanneer je zonder tijdsdruk aan het koken bent, je vanzelf geïnspireerder te werk gaat op doordeweekse dagen. Just do it! Als je niet weet waar je naartoe moet, kun je om inspiratie op te doen eens kijken op cityfoodroute. Een heel leuk initiatief van Floske Kusse en Tine Sommeijer. Een aantal jaar geleden viel mij, -als onderdeel van mijn hartgekooktproject- hetzelfde idee in. Gelukkig hoef je niet altijd alles zelf uit te voeren en hebben deze dames een heel frisse website gemaakt waar je virtueel door diverse winkels die de verschillende stadsdelen van Amsterdam rijk zijn rondstruinen. Neem ook een kijkje als je niet in Amsterdam woont, want het doel van deze tip is je buiten je eigen hokjes te laten stappen!

Asperges

Een goede seizoenstip voor nu: asperges. Op de klassieke wijze zeer eenvoudig klaar te maken (de asperges schillen en koken of stomen, wat verse ham erbij, nieuwe aardappeltjes met een peterselie-botersausje en een zachtgekookt ei. Is allemaal in een half uurtje te realiseren. Twee weken geleden ontdekte ik trouwens op Janneke’s blog een recept voor asperges met dragonboter uit de oven. Zeer simpel en werkelijk om je vingers bij op te vreten. Heel geschikt als je doordeweeks eters krijgt. Kijk voor het volledige stukje en het recept op etenenzo.nl.

Asperges op klassieke wijze

2 personen
5-6 asperges per persoon
5-6 middelgrote aardappeltjes (probeer verse te kopen op de markt!)
bos verse krulpeterselie
roomboter
verse ham van goede kwaliteit (slager!)
2 eieren (liefst bio of van vrije, blije kippen, je proeft het verschil écht!)

Bereiding:
1. Was de aardappels en kook in de schil gaar (zet in koud water op, kleinere aardappels hebben vaak maar een minuut of 5 nodig en je kunt het makkelijk testen door er even met een mesje in te prikken: glijdt de aardappel eraf, dan is ie gaar.
2. Schil de asperges met een dunschiller en snij zo’n 2 centimeter van de onderkant af, dit deel is houterig en wil je niet opeten. Zet de asperges onder een dun laagje water en kook ze een minuut of 10, dikkere exemplaren hebben misschien wat langer nodig. Zet ook alvast water op voor je eieren.
3. Schik ondertussen de ham mooi op de borden.
4. Kook de eieren 5,5 tot 6 minuten in het kokende water, mijn ervaring is dat middelgrote eieren dan precies goed zijn, het wit gestold, en geel nog zacht. Voor een hardgekookt ei nog een minuutje langer koken.
5. Hak de peterselie en smelt in de pan waarin je de aardappels gekookt hebt een royale klont boter. Draai, zodra de boter gesmolten is het vuur laag en roer de peterselie erdoorheen. Ik vind het lekker om de aardappels er meteen door te roeren, zodat de smaak een beetje erin trekt.
6. Schik de asperges, het ei en de aardappels mooi naast de ham op de borden en schenk er eventueel een glas frisse, droge witte wijn bij.

Klik voor het volledige artikel mét foto’s HIER!

Janneke

Klik HIER voor het volledige artikel mét foto’s!

Het is een frisse, maar stralende maandagochtend in april. Vandaag ontmoet ik Janneke Vreugdenhil in haar woonplaats Den Haag. We hebben afgesproken bij Lolapalooza, een fris uitziend tentje in een gezellige straat. Helaas blijkt het dicht en besluit Janneke dat we voor goeie koffie naar ‘De Klap’ gaan.
Na kort onze levensloop te hebben doorgenomen, blijkt dat we allebei van ‘het rechte pad’ zijn afgeweken, waarbij Janneke van een bijna volbrachte studie rechten is afgeslagen naar het schrijven van recepten. Via via kwam ze bij Allerhande terecht, en van daaruit heeft ze zich een weg naar de krant (NRC) geschreven. En van het één kwam het ander: inmiddels zijn er heel wat boeken van haar hand verschenen en blogt ze naast haar werkzaamheden voor de krant op etenenzo over haar culinaire ontdekkingsreizen.

Kleffe Frisbees
Het leuke aan Janneke vind ik dat ze zo eerlijk is en openhartig schrijft over de ontwikkeling van een recept. Zo stond er eens een stukje over eierkoeken, en hoe ze, al experimenterend en mislukkingen trotserend, dan uiteindelijk tot de juiste verhoudingen kwam. Wil je zelf ook aan de slag met de ‘kleffe frisbees’ klik dan HIER voor het volledige recept en lees vooral het zeer geestige stukje dat eraan voorafgaat.
Het enige wat je moet doen is een bezoekje brengen aan de ouderwetse drogist, een bezoek wat bovendien heel leerzaam kan uitpakken. Zo vertrouwde de drogist van Le Papillon (gevestigd in mijn geboorteplaats Delft) mij toe dat ammoniumbicarbonaat ook wel ‘vlugzout’ heette en dat het gebruikt werd om flauwgevallen dames op te peppen. En inderdaad, het werkt: een snuf in het zakje en het is niezen geblazen!
Als je het stukje leest, zul je ervaren hoe Janneke je echt deelgenoot maakt van haar kookproces en je daarmee onherroepelijk aanmoedigt om te experimenteren. Daarbij hoef je je niet – zoals uw schrijfster af en toe nog steeds doet – met samengeknepen billen zorgen te maken of het wel ‘perfect’ lukt).

Chocola en Noedelsoep
Je vraagt je natuurlijk af, wat eet Janneke nu zelf, tussen al dat geschrijf door. Welnu, haar favoriete keuken is de Aziatische, omdat zij de smakencombinaties en daarbij de balans tussen zoet, zuur, zout en bitter heel spannend vind.
Ze is dol op noedelsoep, niet alleen vanwege de smaak, maar ook vanwege het mondgevoel, hoe je die glibberige noedels naarbinnen kunt slurpen.
En elke dag eet ze een stukje échte pure chocolade, en dit recept voor chocolademousse uit haar boek Comfortfood illustreert haar liefde voor chocola onmiskenbaar!

Chocolademousse

Voor 4 personen
200 gram pure (70%) chocolade
60 gram roomboter
5 eieren, gescheiden
40 gram poedersuiker

Bereiding:
1. Smelt de chocolade au bain marie: breng een pan met een klein laagje water aan de kook en sluit de pan af door er een kom op te zetten. Doe hierin de in stukjes gebroken chocolade en laat rustig smelten. Roer in eerste instantie niet, begin daar pas mee als de chocola voor twee derde gesmolten is.
2.Voeg, als het roermoment is aangebroken de boter toe en haal de pan van het vuur. De kom laat je op de pan staan, de boter smelt vanzelf door de warmte van de pan (het is namelijk het beste voor de kwaliteit van de chocola om deze zo kort en zo laag mogelijk te verhitten). Roer een paar keer om het smeltproces te helpen. Doe het mengsel vervolgens over in een royale kom.
3. Splits de eieren, waarbij je de eiwitten in een brandschone kom stort en de dooiers met een houten lepel door het chocolademengsel roert.
4. Klop de eiwitten stijf met de elektrische mixer en voeg, als ze bijna zover zijn de poedersuiker beetje bij beetje toe.
5. Voeg dan één derde van het eiwitschuim toe aan het chocolademengsel, het beste gaat dit met een spatel, waarbij je het eiwit als het ware erdoorheen ‘vouwt’. Op die manier krijg je de allerluchtigste mousse die er bestaat. Voeg dan de rest van het eiwit toe, opnieuw rustig vouwend.
6. Stort de mousse onmiddellijk in mooie schaaltjes, of zet de kom in zijn geheel in de koelkast. Minimaal 4 uur opstijven, een nachtje is nog beter.

Tip:
Om de chocolademousse nóg feestelijker te maken, kun je besluiten om er nog een mooi meringue-toefje op te doen.
Meringues maken is heel simpel:

Zorg voor een brandschone kom en elektrische mixer en klop 2 eiwitten op. Voeg, als de eiwitten enigszins wit en schuimig zijn, lepel voor lepel fijne suiker toe, 120 gram in totaal. Het is belangrijk dat je de suiker steeds goed ‘weg’ mixt, wat alleen zo krijg je een mooi parelmoerkleurig en glanzend mengsel.
Verwarm de over voor op 120 graden, bekleed een bakplaat met bakpapier die je vastzet met een beetje van het eiwitschuim.
Schep het schuim in een spuitzak en gebruik een gekarteld spuitmondje waarmee je mooie toefjes maakt. Dan een uur in de oven, daarna de meringues helemaal af laten koelen in de oven. Overgebleven meringues blijven in een goed afgesloten trommel een paar dagen vers.

Dankjewel Janneke, voor je al je inspiratie en openheid!

Klik HIER voor het volledige artikel mét foto’s!

R.U.S.T.©

P1060714
Toen ik eindexamen had gedaan en ik was geslaagd, kreeg ik van vrienden van mijn ouders een kaart met de tekst zoals die hier in de titel staat. Rust©. Op de kaart stond een mooie afbeelding van een bebost, bergachtig, groen landschap, misschien was er zelfs een waterval bij. Intens genoot ik van een enorm geluksgevoel, van mijn vrijheid, tot het tijd werd de draad op te pakken en de collegebanken in te gaan. Die overgang was moeilijk, omdat mijn oude schoolstress onmiddellijk weer ontvlamde en ik mijn vers vergaarde vrijheidsgevoel door mijn vingers voelde glippen. Gelukkig maakte ik al snel nieuwe vrienden en verhuisde ik naar een paar maanden op en neer reizen naar Amsterdam. Mijn Amsterdam, dat was het eigenlijk meteen, als ik in het weekend naar mijn ouders in Delft was geweest en op zondagavond Amsterdam Centraal binnenreed voelde ik: ik ben weer thuis.
Toen ik afgelopen maandag na de kookles naar huis fietste, besloot ik dat het tijd werd om, jawel, voor het eerst in de tien jaar dat ik hier nu woon, om onder het Rijksmuseum door te fietsen. Een magische ervaring, misschien juist, omdat ik het zo spontaan deed. Het licht buiten was mooi, en alles werd stil.

Stilte

Stilte is fijn, hoewel we er vaak bang voor zijn, de stilte op willen vullen met woorden, dingen doen, geluiden maken, afleiding en amusement op te zoeken. En daar is niets mis mee, want daarin ligt die stilte soms juist besloten. Vorige week zondag was ik met mijn moeder naar Shirma Rouse in het Tobacco theater. Shirma verzorgde met een enorme dosis liefde en een heel team een fantastische avond. En reken maar dat Shirma niet alleen zorgt dat je maag gevuld wordt met heerlijk eten, ze zorgt ook voor je ziel. De eerste noot die ze aansloeg kwam meteen binnen. In mijn hart, welteverstaan. En toen ze ook nog begon te praten over de dingen van het leven en daarbij Jennifer Lynn uitnodigde om dat dan weer in de mooiste liederen (Imagine, Halleluhjah) te bezingen, hield ik het niet meer. Gelukkig lagen er enorme servetten, die ik bij de hand moest blijven houden toen Alain Clark het podium ook nog besteeg (Change Will Come). 24 maart is er weer een editie van Shirma’s Soulkitchen en ik kan alleen maar zeggen: koop nú een kaartje en ga!!!

Ontspanning

De volgende dag merkte ik dat Shirma’s soulmassage nog flink doorwerkte, en nog even extra aangevuld werd met een supergezond sapje van the one and only Sapkoning Jay, die je voorziet van een enorme portie energie uit zijn groene hart. En zo kabbelde de week verder, en belandde ik op donderdag met vriendin E. eindelijk bij ‘dat ene authentieke Italiaanse koffietentje’. Ik raad jullie allemaal aan, om, als je toch al in Amsterdam bent voor Shirma, een nachtje te blijven slapen en de volgende dag hier koffie te halen. De winkel is van Daniele Palma, een vriendelijke, grote Italiaan met diepe basstem. Hij zet koffie zoals alleen Italianen dat kunnen: zonder één spoortje bitterheid, met veel liefde gezet en zonder hyper -help-ik-heb-koffie-gedronken-effect. We krijgen er zomaar nog een smaakvol zelfgemaakt koekje bij, en een hartje in ons cappuccino-schuim. Kijk meteen even op de facebook-site, die er zeer charmant en aanlokkelijk uitziet, en wist je dat er koekjes bestaan die ‘occhi di bue’ heten? Voornemen: studeren op mijn Italiaans en in mijn beste Italiaans, op mijn allercharmantst, het recept hiervan proberen te ontfutselen!
Daarna begeven we ons naar de Taart van m’n Tante, waar we ons tegoed doen aan een stuk chocoladetaart, geserveerd met zalige room en friszure aalbessen. Thuis zet ik de relaxte stemming voort met vers brood en vleeswaren van Bella Storia, en terwijl ik door het boekje van Fattoria la Vialla blader (bestel hier hun producten, ze zijn goddelijk!), komen al mijn (Italiaanse) dromen weer tot leven.

P1060728
P1060730
P1060731

Liefde

En zo suddert mijn hart verder het weekend in. En omdat ik zo fijn sudder, neem ik zaterdag wat sudderlapjes mee van de markt (waarop, na geheime bereiding de smaakpapillen feestend door mijn mond buitelen).
Op zondag blijf ik lekker de hele dag lekker in mijn pyjama, bladerend door prachtige kookboeken nip ik van koffie met een meesterlijke schuimkraag en hap ik in de zanderige koekjes die ik bakte volgens het recept van de oma van Janneke Vreugdenhil, die vanuit de hemel een oogje toeknijpt, omdat ik lichte in plaats van witte basterdsuiker gebruik.

P1060746
P1060737

En ik maak ook nog appelmoes (zie het recept op HARTGEKOOKT4kids) én eindelijk, dat wilde ik al de hele winter: gestoofde rode kool met appeltjes. Alles deed ik op mijn dooie gemak, met ál mijn aandacht. En wat is dat heerlijk! Wat is het fijn om ontspannen te zijn, ervan te genieten dat anderen de deur naar je hart feilloos weten te vinden, het even optillen en het in het licht zetten, wat het verdient. Want liefde (én rust!) verdienen we, allemaal!

En nú: koffie, mét koekjes!

Voor ongeveer 20 koekjes

P1060739

200 gram witte bloem
100 gram witte (of lichte) basterdsuiker
150 gram boter, op kamertemperatuur in blokjes

Zet alvast een bakplaat klaar die je met bakpapier bekleed. Verwarm de oven voor op 120 graden.

Kneed alle ingrediënten snel met koele hand door elkaar. Verdeel het deeg in bolletjes ter grootte van een walnoot en druk die iets plat met de tanden van een vork, zodat er mooie voren ontstaan.
Bak de koekjes vervolgens:
15 minuten op 120 graden; daarna
15 minuten op 150 graden; daarna
15 minuten op 170 graden.

Even af laten koelen op een rooster, ondertussen koffie of thee zetten en dan gauw een hap nemen van je nog warme koekjes!

Als je met je kinderen liever de koekjes uit wil steken kan dat ook: rol het deeg dan uit tot ongeveer 1 cm dikte. Hou de koekjes dan wel goed in de gaten, het kan zijn dat de laatste ronde van 170 graden niet nodig is (omdat de koekjes dunner zijn en sneller garen).