Categorie: De Boodschappenmand

Venkelsalade

VenkelsaladeHet is zaterdagmiddag. Eigenlijk had ik met mijzelf afgesproken om niks te gaan doen. Dolce far niente, wat zoveel betekent als ‘heerlijk nietsdoen’ in het Italiaans. Stiekem kan ik dat niet zo heel goed, maar ik ben wel aan het oefenen, en oefening baart kunst!

Rode venkel

Ik was net op de Noordermarkt, bij Belle Marie – ja die kraam met die fantastische verse kruiden – en daar zag ik het staan: Rode venkel. Rode venkel is iets schitterends: een soort heel fijn diepdonkergroen koraal met een zweempje warm bordeauxrood erin. Ik mocht zelf een mooie bos uitzoeken die ik vervolgens romantisch uit mijn rieten boodschappentas liet steken. Watertandend ging ik op zoek naar de rest van de ingredienten om Siciliaanse venkelsalade te gaan maken.

Lijstjes
Als ik naar de markt ga, maak ik nooit een lijstje, ik laat me inspireren door wat er op dat moment ligt, en zo shop ik dan om een paar ingredienten heen, en voila: een volle boodschappentas en nieuwe combinaties te over. Bovendien hoef ik nu nooit meer diep te fronsen omdat ik heel hard probeer te herinneren wat ik ook alweer op mijn lijstje had geschreven. Dat nog thuis ligt. Op tafel. Scheelt stress en rimpels, je ziet, louter voordelen!

De salade
Eenmaal thuisgekomen was ik ontzettend hongerig en ging ik als de wiedeweerga aan de slag. Een vers venkelknolletje mooi dun snijden (haal het harde hart eruit) en in een schaal schikken. Besprenkelen met wat citroensap, beetje olijfolie. Bloedsinaasappel schillen, in plakken snijden en tussen de venkel schikken. Wat olijven in stukjes snijden. Gereedschapskist erbij pakken om een paar verse Siciliaanse pistachenootjes te kraken. Wat rozemarijnfocaccia en een Aranciata erbij (heerlijk koolzuurhoudend drankje, een beetje Orangina-achtig maar dan heel elegant) en een goddelijke lunch staat klaar. Als laatste dat delicate koraal, de rode venkel. En geloof me, de rode venkel verleidt niet alleen met zijn looks, maar ook met zijn verfijnde smaak, die het palet van smaken en texturen van de salade op subtiele wijze tot eenheid brengt. Fantastica.

Dolce far niente…
Dat wilde ik even met jullie delen. Jullie mogen nu weer relaxen, dat ga ik ook doen, samen met mijn nieuwe vrienden Giorgio Locatelli en Andrew Graham. Met dit aangename duo ben ik afgelopen weekend een reis begonnen door mijn geliefde land: Italia, Italia, Italia! Het is alsof ik gezellig op de achterbank van hun luxe auto zit, die soepel door het Italiaanse landschap glijdt, nu eens tussen de Toscaanse heuvels, dan weer tussen de olijfbomen in het stoere landschap van Puglia. Ik ga nu de laatste aflevering bekijken en ik weet nú al dat ik daarna gewoon weer opnieuw begin…zou ik verliefd zijn..?

Via deze link kunnen jullie ook meerijden met Giorgio en Andrew:
Italy & Sicily Unpacked

Oranje boven: Pompoensoep!

Pompoensoep

Vandaag is het 27 april. Het is een feestelijke dag, want de koning is jarig! Vandaag is de dag waarop ik hoopte dat ie zou komen, want dit is dé dag, waarop ik mijn blog heropen!
Welkom, trouwe lezers, welkom nieuwe lezers! Ik hoop jullie opnieuw te inspireren om zo af en toe, als je zin hebt, over de markt te slenteren en te genieten van de afwisselende kleurenpracht van groentes en fruit die de seizoenen ons te bieden hebben en daarvan iets mee naar huis te nemen. Ik hoop dat jullie nieuwsgierigheid geprikkeld wordt, om nieuwe dingen uit te proberen, en er nieuwe geuren uit lokale en verre culturen uit jullie keukens opstijgen. En vooral hoop ik, dat jullie ervan genieten om het eten dat uit die keukens komt, met elkaar te delen!

Pompoensoep

Als ik mijn laatste stukje herlees, zie ik dat ik jullie beloofd heb om jullie te trakteren op pompoensoep. Welnu, laat ik deze belofte na een slordige anderhalf jaar schrijfstilte nu meteen inlossen. Soep is een fantastische verwarmende maaltijd die altijd vreugde geeft. Het begint al met zo’n pan die daar dan gezellig op het fornuis staat, terwijl je zelf lekker achterover kunt leunen in de wetenschap dat je straks enkel nog je staafmixer uit je keukenkastje tevoorschijn hoeft te pakken en hooguit nog wat zout en kruiden hoeft toe te voegen.
Pompoensoep is al jaren één van mijn grote favorieten, ontzettend simpel en eindeloos veelzijdig. De eenvoudigste vorm die ik tot nu toe ben tegengekomen is de pompoensoep van Claudia Roden, die in feite bestaat uit het in kippenbouillon koken van de pompoen.
De eerste keer dat ik zelf pompoensoep maakte weet ik nog goed. In mijn nooit aflatende enthousiasme om nieuwe dingen uit te proberen had ik een grote oranje pompoen meegesleept naar de mini-keuken van mijn tijdelijke huisje. Ik ging de pompoen te lijf met mijn trouwe Zweedse skärpt-mes en ik kan jullie vertellen: het zweet stond op mijn voorhoofd en het mes belandde nog net niet in mijn rug. Gelukkig zijn er tegenwoordig kleinere pompoenen die wat makkelijker te hanteren zijn. Ik herinner me dat ik de soep op smaak bracht met sinaasappelrasp en wat sap en dat ik iets van rozemarijn erin had gebruikt, smaken die de zachte, zoete smaak van pompoen goed aanvullen. Een tijdje later inspireerde Jamie Oliver mij om salie en chilipeper te gebruiken en dat is heel lang mijn favoriet gebleven. Koriander, Griekse yoghurt en gember doen het ook goed, het is dus maar net waar je zelf zin in hebt. Ik zal jullie nu een basisrecept geven dat jullie naar eigen smaak aan kunnen passen. Geniet van deze hartverwarmende soep!

Basisrecept pompoensoep

Voor 2 personen

Als basis voor de soep kun je beginnen met een soffrito: een fijngehakte ui, een stengel bleekselderij in boogjes en een wortel in dunne plakjes zachtjes fruiten in wat olijfolie. Ga je kruiden gebruiken, dan kun je ervoor kiezen om deze meteen mee te fruiten.

2 kleine oranje pompoenen
1 winterwortel
1-1,5 liter bouillon (kippen- of groentebouillon, zelf getrokken of een blokje)

optionele smaakmakers:
-een paar blaadjes salie (en een gedroogd chilipepertje of 1 vers gehakt rood pepertje, de zaadlijsten en zaadjes verwijderd). of
-1 takje rozemarijn (en een teentje knoflook fijngehakt) of
-1 duimlengte verse gember, fijngeraspt (op het laatst garneer je de soep dan met een dot Griekse yoghurt en wat fijngehakte verse koriander).

Pompoensoep (2)

Bereiding
1. Het goede nieuws is dat je de schil van een oranje pompoen niet hoeft te verwijderen. Dat scheelt alvast een hoop gedoe! Snij een schijfje aan de onderkant van de pompoen af zodat deze enigszins stabiel op je snijplank ligt. Neem een goed, scherp koksmes dat je er aan de bovenkant van de pompoen insteekt. Je kunt nu je gewicht gebruiken om het mes naar beneden te duwen. Als je pompoen wat groter is kun je eerst de ene helft van de pompoen op deze manier doorsnijden en daarna de andere. Verwijder daarna met een eetlepel de pitten en schraap ook de draden eruit. Hak de pompoen nu in grote stukken en doe in een ruime kom.
2. Was (en schil eventueel) de wortel en hak hem in grove schijven.
3. Verwarm een pan en giet er wat olijfolie in. Gooi nu de stukken pompoen en wortel erbij en bak al omscheppend, ik gok een minuut of 3.
4. Mocht je smaakmakers willen gebruiken zoals salie, rozemarijn of gember, dan bak je die meteen fijngehakt of geraspt mee.
5. Overgiet de pompoen nu met zoveel water of verse bouillon dat deze krap onderstaat en breng aan de kook. Als je een bouillonblokje gebruikt, doe dat er dan in op het moment dat de soep kookt. Belangrijk: gebruik liever wat minder water, je kunt altijd nog wat toevoegen als de soep na het pureren te dik blijkt. Pompoensoep hoort dik en fluwelig te zijn, niet dun en waterig.
6. Doe het deksel op de pan en laat een minuut of 20 zachtjes koken.
7. Pak nu je staafmixer tevoorschijn en pureren maar. Voeg eventueel wat water of verse bouillon toe als je de soep te dik vind en breng op smaak met zout en eventueel wat vers gemalen peper.
8. Nu is het leukste gedeelte aangebroken: opeten! Eet smakelijk!
9. Tip: pompoensoep combineert heel goed met een frisse groene salade, zoals de romanescosalade, een spinazie-doperwt-feta salade met citroensapdressing (uit mijn allereerste Jamie-boek) of een posteleinsalade met sinaasappelrasp en sap, geroosterde wal- of hazelnoten, verkruimelde geitenkaas en olijven. Als je vind dat je zo wel weer genoeg groenten gegeten hebt kun je natuurlijk ook kiezen voor brood met lekkere boter, wat geitenkaas of olijven.

Oh, Romanesco…!

Voor het volledige artikel met foto (in deze is dat zeker nodig, om dit romantische verhaal in de juiste context te kunnen plaatsen) klik HIER

Bij deze wil ik jullie verheugd mededelen dat er een nieuwe liefde is in mijn leven… Mag ik jullie voorstellen: Romanesco. Ik ben tot over mijn oren verliefd geworden. Dat was ik eigenlijk al jaren, heimelijk en, oh zo oppervlakkig op zijn prachtige uiterlijk, maar nu heeft Romano (zo mag ik hem noemen) mij helemaal in vervoering gebracht met zijn delicate smaak, is mijn maag gevuld met zijn robuuste koolstructuur en liet hij mijn moeheid als sneeuw voor de zon verdwijnen. Als dat geen totale liefde is…

Voor de duidelijkheid: Romanesco is uniek, het is geen broccoli en ook geen bloemkool, maar het is wel een koolsoort. Laat je niet afschrikken als Romano tijdens het blancheren een beetje de bekende muffe koollucht door je keuken verspreidt, de citroensapdressing pept hem onmiddellijk op. Een fijne bijkomstigheid is dat ik nu net lees dat Romano gezegend is met een grote hoeveelheid foliumzuur (vitamine B-11). Woehoe, op naar de markt allemaal!

Het recept wat ik jullie hier geef is uiterst simpel en biedt sensationele verfrissing naast een fluweelzachte pompoensoep. Die pompoensoep krijgen jullie binnenkort van me, nu wil ik dat alle schijnwerpers op Romano gericht zijn.

Romantische Romanesco (voor 2 personen, natuurlijk)

1 Romanesco
2-3 flinke handen vol jonge bladspinazie, liefst biologisch
1 bio-citroen (je raspt de schil)
extra vergine olijfolie (ja van goede kwaliteit, maar dat weet je;-)
een beetje fijngeraspte verse parmezaanse kaas

Bereiding:
1. Breng een pannetje water aan de kook.
2. Spoel Romano af onder de kraan en snij hem in roosjes, zoals je dat ook bij broccoli doet. Als je de grotere roosjes wilt halveren, doe dit dan vanaf het steeltje naar het roosje toe, op die manier kruimelt het minder en verlies je zo min mogelijk van die kostbare schat. Was en centrifugeer de spinazie.
3. Kook de roosjes (doe eerst de grote en voeg later de kleine toe) een paar minuten. Zoals gewoonlijk als ik iets nieuws uit probeer, let ik totaal niet op de klok, ik gok dat ik ze niet langer dan 5 min. heb geblancheerd en toen waren ze perfect al dente. Prik af en toe even met een scherp mesje in een steeltje, het mesje moet er vrij makkelijk ingaan, maar nog wel wat weerstand bieden.
4. Was ondertussen de citroen en rasp de schil fijn, zet apart. Maak de dressing: klop 4 eetlepels olijfolie met 2 eetlepels citroensap door elkaar en breng op smaak met wat zout en peper.
5. Giet de roosjes af en spoel onmiddellijk af onder de koude kraan.
6. Doe de roosjes in een schaal en besprenkel nu met de helft van de dressing, voeg het grootste gedeelte van de citroenrasp toe.
7. Schep, wanneer de roosjes enigzins zijn afgekoeld, de spinaziebladen er luchtig doorheen, met het restant van de dressing en het citroenraspsel. Rasp er wat parmezaanse kaas over en hussel nog eens lichtjes.

Voila, klaar bent u!

Het recept vor de pompoensoep komt spoedig tot u!

Voor het volledige artikel met foto (in deze is dat zeker nodig, om dit romantische verhaal in de juiste context te kunnen plaatsen) klik HIER

Puur

Klik HIER voor het volledige artikel mét foto’s!

‘De onbevangen geest geniet het meest’.

Het komt spontaan bij me op, en het is in elk geval volledig van toepassing op wat ik in de afgelopen 3 uur heb meegemaakt. Vanmorgen ontving ik totaal onverwacht een uitnodiging via Fuse voor een persbijeenkomst van Claudio Corallo. Het ging over chocola. Of ik zin had om langs te komen? Geen seconde hoef ik daarover na te denken, en na de kookles van vanmiddag sjees ik spoorslags naar Hotel Droog, om ondergedompeld te worden in de wereld van de pure chocola van Claudio. Wat pure chocola écht is, heb ik vanmiddag geleerd.
De schellen vallen van mijn ogen als ik hoor hoe het gros van de chocolade die jij en ik tot ons nemen geproduceerd wordt. Het voert te ver om hier alles precies technisch toe te lichten, maar wist je dat bij het gangbare proces de cacaoboter en de cacaopoeder van elkaar gescheiden worden en later weer samengeplakt worden (met behulp van emulgator sojalechtine, die naast suiker, meestal als 3e of zelfs als 2e op de ingrediëntenlijst van de chocola te vinden zijn.) Voor de duidelijkheid: deze procedures bezigt Claudio dus niet!

Claudio is van oorsprong plantkundige en heeft al 40 jaar ervaring met de cacao en koffie, die hij overigens op zeer smaakvolle wijze weet samen te brengen, maar daarover later meer. De Italiaan woont sinds zijn 23ste in Afrika, waar hij zijn hart verpandde aan de cacao- en koffieplant. Koffie en cacao worden vaak geassocieerd met bitter, en van die smaak is niet iedereen gecharmeerd. Dat deze bitterheid niet noodzakelijk is, laat Claudio zien in de liefdevolle wijze waarop hij zijn chocola produceert.
We beginnen de proeverij met gedroogde, gefermenteerde cacaobonen, en inderdaad: geen spoortje bitterheid te bekennen, noch zurige tonen die je vaak bij pure chocola proeft.
Daarna krijgen we diverse soorten chocola te proeven, de ene soort nog hemelser en intenser van smaak dan de andere. Mijn persoonlijke favoriet is de 73,5% chocola met nibs erin (de nib is de grofgemalen cacaoboon zelf), maar ook de gechocolateerde koffiebonen met elk hun eigen smaaksensatie, zijn niet te versmaden: bij de één proef je eerst de chocola, en explodeert de koffie in je mond, bij de ander is het precies andersom, en ook aan degenen die van evenwicht houden heeft Claudio gedacht. Tevens leren we de chocola in onze hand iets te verwarmen, ideaal is een temperatuur van rond de 28 graden, zo komt de smaak het meeste los. Dus ophouden met chocola in de koelkast bewaren, en het hoeft dus geen ‘krak’ te zeggen als je een stuk afbreekt, basta!

Wat bij elke soort opvalt is dat je steeds de smaak van de cacao proeft, iets wat bij de meeste, zelfs ‘pure chocola’ vaak niet meer het geval is: de suiker voert de boventoon en daaruit moet je dan maar de cacao zien te destilleren. Claudio voegt overigens wel suiker toe aan zijn chocola, maar de cacao, of de koffie, staan altijd voorop. Er wordt niets verdoezeld: bij één soort kon je de korrelige structuur van de kristalsuiker duidelijk onderscheiden, wat juist een aangename crunchy bite gaf, een beetje als butterscotch.
De tijd vliegt voorbij en ik geniet van Claudio, die glunderend en bevlogen en tegelijkertijd ingetogen en bescheiden zijn verhaal in het Frans doet, waarbij hij zich zo nu en dan verontschuldigt voor het technische verhaal, maar benadrukt dat dat essentieel is om te begrijpen hoe de chocola tot stand komt. Ik kan jullie van harte aanraden om zijn chocola en/of koffie zelf uit te proberen. Ga rustig op zijn prachtige website rondkijken, en trakteer jezelf! Laat je niet afschrikken door de prijzen, die misschien hoog lijken, maar bedenk dat wat je krijgt puur is, en je verzadigd bent na één stukje en het gemaakt is met hart en ziel, door iemand die zijn hele leven hieraan wijdt… Zelf ga ik alvast sparen voor een ticket om op de plantage te kijken, dat moet werkelijk magisch zijn..!

Klik HIER voor het volledige artikel mét foto’s!

Pasta Facile

Klik HIER voor het volledige artikel mét foto’s!

Het lijkt wel alsof ik me in Italië bevind: overal om me heen hoor ik Italiaans: in de stad, en zelfs toen ik gister voor pampus lag (letterlijk) aan het IJsselmeer. Wisten jullie dat Pampus een eiland is in de voormalige Zuiderzee, en dat schepen daar dus letterlijk voor Pampus lagen? Dit weekend werd ik van dit feit op de hoogte gebracht door mijn vader, die, hoewel hem de officiële titel nooit is toegedicht, voor mij toch een ware professor is!
De Italiaanse koorts uitte zich vandaag actief in het kopen van een schitterende Italiaanse glazen kan met bijbehorende glaasjes, aangeschaft op de Noordermarkt. Met de bedienende mannen van de kraam nog wat extra aandacht besteed aan mijn Toscaanse droom, die waarheid zal worden, hoewel nog onbekend binnen welk tijdsbestek. Omdat ik dus in Toscane ga wonen, en ik Amsterdam en de Noord-Hollandse landschappen en wolkenluchten dan enorm zal missen, ben ik vandaag begonnen een fotoserie te maken in de weilanden bij Ransdorp, en heb ik zelf de penseel weer eens ter hand genomen, hopende dat tegen de tijd dat ik echt zuidwaarts zal afreizen er voldoende materiaal is waar ik vanuit mijn Toscaanse landgoed af en toe deemoedig naar kan turen.

Van al deze avonturen kreeg ik reuze trek, die thuis onmiddellijk gestild moest worden met een
snelle, simpele pasta (facile betekent makkelijk, spreek uit: faatsjiele). Met een kwartier te realiseren, en met de trek die uw schrijfster had gekregen na al die verse buitenlucht binnen het kwartier verorberd.

2 personen
1-2 courgettes (probeer biologische te kopen, die zijn kleiner en daardoor smakelijker en minder zompig)
een bosje verse (wilde) oregano, een mix van salie, tijm en oregano mag ook
1-2 teentjes verse knoflook
zeezout (van goede kwaliteit, bijvoorbeeld de vlokken van Maldon)
zwarte peper uit de molen

Nog even een kleine notitie: gebruik voor dit gerecht, zoals voor alle simpele (Italiaanse) gerechten producten van goede kwaliteit, doe het echt, want je proeft het verschil!!!

Bereiding
1. Was de courgette(s) en snij in plakken van ongeveer 1cm dik (als de courgette heel dik is, over de lengte doorsnijden en dan plakken maken).
2. Water opzetten voor de pasta en in gezouten water gaarkoken volgens de aanwijzingen op de verpakking.
3. Knoflook fijnhakken.
4. Pan met dikke bodem op het vuur, beetje olijfolie erin, takje oregano, teentje knoflook en dan courgette meebakken.
5. Nu royaal oreganoblaadjes toevoegen en de courgette bakken onder voortdurend omscheppen.
6. Pasta afgieten, en goed met de courgettes en oregano omscheppen. Op smaak brengen met wat zwarte peper en zeezout, een scheutje extra olijfolie van goede kwaliteit toevoegen en nog wat extra verse oregano.
7. Opdienen in een mooi diep bord en genieten van deze hemelse eenvoud. Het bord dat je hier op de foto ziet is niet Italiaans, maar wel heel geschikt voor pasta, waarover Hans (de man waar ik de Italiaanse kan kocht) het roerend eens waren.

Wil je dit gerecht wat chiquer maken?-Je kunt zelfgedraaide pasta maken. Dan duurt het natuurlijk wel wat langer, het recept hiervoor zal ik binnenkort op dit blog prijsgeven.
-Je kunt er heel lekker kip van de bbq bij eten, of serveren met involtini (rolletjes van lapjes kip- of varkensvlees, met een plakje pancetta en wat van de kruiden die je ook voor de pasta gebruikt, zoals oregano en salie, eventueel wat rozemarijn of tijm). Binnenkort het recept op dit blog!

Klik HIER voor het volledige artikel mét foto’s!

Tijd

Klik voor het volledige artikel mét foto’s HIER!

In onze maatschappij lijkt het wel alsof iedereen tijd tekort komt. We staan met één been onder de douche terwijl we boterhammen voor onze kinderen smeren en tegelijkertijd onze email checken op de telefoon. We rennen met ongekamde haren de trein in, om vervolgens, daar komt ie weer, snel op onze telefoon te kijken wat we in de haastrit van huis naar het station hebben gemist. En als we dan eindelijk ‘vrij’ zijn, zijn we moe, zo moe dat we geen zin meer hebben om boodschappen te doen en te koken.

Zo kan het écht niet langer! Mijn credo is al jaren: ‘eet vers en gevarieerd’ (dus zoveel mogelijk met de seizoenen mee), kook met liefde, plezier, aandacht én, bedacht ik me, terwijl ik mijn tomatensoep met verse kruiden en zelfgedraaide lamsgehaktballetjes naarbinnen lepelde: néém de tijd. Afgelopen week heb ik een experiment uitgevoerd met betrekking tot tijd. In plaats van tegen de klippen op allerlei lijstjes af te werken, ben ik gewoon gaan doen waar ik op dat moment zin in had. Dit betekent niet dat je niets doet, voor verantwoordelijkheden wegloopt of lui bent, maar ik ondervond simpelweg dat het tijd oplevert én energie bespaart om de zaken in het leven wat meer op zijn natuurlijke beloop te laten. Ik merkte dat ik me heel ontspannen voelde, en dat ik veel meer dingen gedaan kreeg op een dag. Dus het ís waar: less is more.

Besteed zoveel mogelijk tijd aan de dingen die werkelijk van belang zijn: fijne momenten beleven met vrienden, familie, collega’s, een dagje naar de sauna, een wandeling door het bos, een kopje koffie in de zon, goed voor je lichaam zorgen. Veel van deze dingen kun je heel makkelijk dagelijks beleven, als je de moeite neemt om er aandacht aan te besteden. En eten hoort ook bij die belangrijke zaken, en ik vind dat we daar veel te weinig tijd voor nemen. Daarmee bedoel ik absoluut niet dat je elke dagen uren in de pannen moet roeren, maar wel dat je even aandacht besteed aan wat je op gaat eten. Maak soep voor 2 dagen, marineer de avond van te voren een kip die je de volgende dag in de oven schuift en waar je nog wat aardappeltjes en groenten mee laat garen. Kijk, als je toch op je telefoon zit te gluren in de trein, even op dit blog, of een van de vele andere kookpagina’s die het wereldwijde web rijk is.

Boodschappen

Ga, al is het maar af en toe eens niet naar de supermarkt, maar naar de plaatselijke Turkse of Marokkaanse groenteboer, de bakker of de slager maak en praatje, wandel over de markt, laat je verleiden door de zoete geur van aardbeien, koop een royale bos pioenrozen voor jezelf, zet je leukste muziek op en ga, op je dooie gemak in de keuken aan de slag. Je zult zien, dat wanneer je zonder tijdsdruk aan het koken bent, je vanzelf geïnspireerder te werk gaat op doordeweekse dagen. Just do it! Als je niet weet waar je naartoe moet, kun je om inspiratie op te doen eens kijken op cityfoodroute. Een heel leuk initiatief van Floske Kusse en Tine Sommeijer. Een aantal jaar geleden viel mij, -als onderdeel van mijn hartgekooktproject- hetzelfde idee in. Gelukkig hoef je niet altijd alles zelf uit te voeren en hebben deze dames een heel frisse website gemaakt waar je virtueel door diverse winkels die de verschillende stadsdelen van Amsterdam rijk zijn rondstruinen. Neem ook een kijkje als je niet in Amsterdam woont, want het doel van deze tip is je buiten je eigen hokjes te laten stappen!

Asperges

Een goede seizoenstip voor nu: asperges. Op de klassieke wijze zeer eenvoudig klaar te maken (de asperges schillen en koken of stomen, wat verse ham erbij, nieuwe aardappeltjes met een peterselie-botersausje en een zachtgekookt ei. Is allemaal in een half uurtje te realiseren. Twee weken geleden ontdekte ik trouwens op Janneke’s blog een recept voor asperges met dragonboter uit de oven. Zeer simpel en werkelijk om je vingers bij op te vreten. Heel geschikt als je doordeweeks eters krijgt. Kijk voor het volledige stukje en het recept op etenenzo.nl.

Asperges op klassieke wijze

2 personen
5-6 asperges per persoon
5-6 middelgrote aardappeltjes (probeer verse te kopen op de markt!)
bos verse krulpeterselie
roomboter
verse ham van goede kwaliteit (slager!)
2 eieren (liefst bio of van vrije, blije kippen, je proeft het verschil écht!)

Bereiding:
1. Was de aardappels en kook in de schil gaar (zet in koud water op, kleinere aardappels hebben vaak maar een minuut of 5 nodig en je kunt het makkelijk testen door er even met een mesje in te prikken: glijdt de aardappel eraf, dan is ie gaar.
2. Schil de asperges met een dunschiller en snij zo’n 2 centimeter van de onderkant af, dit deel is houterig en wil je niet opeten. Zet de asperges onder een dun laagje water en kook ze een minuut of 10, dikkere exemplaren hebben misschien wat langer nodig. Zet ook alvast water op voor je eieren.
3. Schik ondertussen de ham mooi op de borden.
4. Kook de eieren 5,5 tot 6 minuten in het kokende water, mijn ervaring is dat middelgrote eieren dan precies goed zijn, het wit gestold, en geel nog zacht. Voor een hardgekookt ei nog een minuutje langer koken.
5. Hak de peterselie en smelt in de pan waarin je de aardappels gekookt hebt een royale klont boter. Draai, zodra de boter gesmolten is het vuur laag en roer de peterselie erdoorheen. Ik vind het lekker om de aardappels er meteen door te roeren, zodat de smaak een beetje erin trekt.
6. Schik de asperges, het ei en de aardappels mooi naast de ham op de borden en schenk er eventueel een glas frisse, droge witte wijn bij.

Klik voor het volledige artikel mét foto’s HIER!

Janneke

Klik HIER voor het volledige artikel mét foto’s!

Het is een frisse, maar stralende maandagochtend in april. Vandaag ontmoet ik Janneke Vreugdenhil in haar woonplaats Den Haag. We hebben afgesproken bij Lolapalooza, een fris uitziend tentje in een gezellige straat. Helaas blijkt het dicht en besluit Janneke dat we voor goeie koffie naar ‘De Klap’ gaan.
Na kort onze levensloop te hebben doorgenomen, blijkt dat we allebei van ‘het rechte pad’ zijn afgeweken, waarbij Janneke van een bijna volbrachte studie rechten is afgeslagen naar het schrijven van recepten. Via via kwam ze bij Allerhande terecht, en van daaruit heeft ze zich een weg naar de krant (NRC) geschreven. En van het één kwam het ander: inmiddels zijn er heel wat boeken van haar hand verschenen en blogt ze naast haar werkzaamheden voor de krant op etenenzo over haar culinaire ontdekkingsreizen.

Kleffe Frisbees
Het leuke aan Janneke vind ik dat ze zo eerlijk is en openhartig schrijft over de ontwikkeling van een recept. Zo stond er eens een stukje over eierkoeken, en hoe ze, al experimenterend en mislukkingen trotserend, dan uiteindelijk tot de juiste verhoudingen kwam. Wil je zelf ook aan de slag met de ‘kleffe frisbees’ klik dan HIER voor het volledige recept en lees vooral het zeer geestige stukje dat eraan voorafgaat.
Het enige wat je moet doen is een bezoekje brengen aan de ouderwetse drogist, een bezoek wat bovendien heel leerzaam kan uitpakken. Zo vertrouwde de drogist van Le Papillon (gevestigd in mijn geboorteplaats Delft) mij toe dat ammoniumbicarbonaat ook wel ‘vlugzout’ heette en dat het gebruikt werd om flauwgevallen dames op te peppen. En inderdaad, het werkt: een snuf in het zakje en het is niezen geblazen!
Als je het stukje leest, zul je ervaren hoe Janneke je echt deelgenoot maakt van haar kookproces en je daarmee onherroepelijk aanmoedigt om te experimenteren. Daarbij hoef je je niet – zoals uw schrijfster af en toe nog steeds doet – met samengeknepen billen zorgen te maken of het wel ‘perfect’ lukt).

Chocola en Noedelsoep
Je vraagt je natuurlijk af, wat eet Janneke nu zelf, tussen al dat geschrijf door. Welnu, haar favoriete keuken is de Aziatische, omdat zij de smakencombinaties en daarbij de balans tussen zoet, zuur, zout en bitter heel spannend vind.
Ze is dol op noedelsoep, niet alleen vanwege de smaak, maar ook vanwege het mondgevoel, hoe je die glibberige noedels naarbinnen kunt slurpen.
En elke dag eet ze een stukje échte pure chocolade, en dit recept voor chocolademousse uit haar boek Comfortfood illustreert haar liefde voor chocola onmiskenbaar!

Chocolademousse

Voor 4 personen
200 gram pure (70%) chocolade
60 gram roomboter
5 eieren, gescheiden
40 gram poedersuiker

Bereiding:
1. Smelt de chocolade au bain marie: breng een pan met een klein laagje water aan de kook en sluit de pan af door er een kom op te zetten. Doe hierin de in stukjes gebroken chocolade en laat rustig smelten. Roer in eerste instantie niet, begin daar pas mee als de chocola voor twee derde gesmolten is.
2.Voeg, als het roermoment is aangebroken de boter toe en haal de pan van het vuur. De kom laat je op de pan staan, de boter smelt vanzelf door de warmte van de pan (het is namelijk het beste voor de kwaliteit van de chocola om deze zo kort en zo laag mogelijk te verhitten). Roer een paar keer om het smeltproces te helpen. Doe het mengsel vervolgens over in een royale kom.
3. Splits de eieren, waarbij je de eiwitten in een brandschone kom stort en de dooiers met een houten lepel door het chocolademengsel roert.
4. Klop de eiwitten stijf met de elektrische mixer en voeg, als ze bijna zover zijn de poedersuiker beetje bij beetje toe.
5. Voeg dan één derde van het eiwitschuim toe aan het chocolademengsel, het beste gaat dit met een spatel, waarbij je het eiwit als het ware erdoorheen ‘vouwt’. Op die manier krijg je de allerluchtigste mousse die er bestaat. Voeg dan de rest van het eiwit toe, opnieuw rustig vouwend.
6. Stort de mousse onmiddellijk in mooie schaaltjes, of zet de kom in zijn geheel in de koelkast. Minimaal 4 uur opstijven, een nachtje is nog beter.

Tip:
Om de chocolademousse nóg feestelijker te maken, kun je besluiten om er nog een mooi meringue-toefje op te doen.
Meringues maken is heel simpel:

Zorg voor een brandschone kom en elektrische mixer en klop 2 eiwitten op. Voeg, als de eiwitten enigszins wit en schuimig zijn, lepel voor lepel fijne suiker toe, 120 gram in totaal. Het is belangrijk dat je de suiker steeds goed ‘weg’ mixt, wat alleen zo krijg je een mooi parelmoerkleurig en glanzend mengsel.
Verwarm de over voor op 120 graden, bekleed een bakplaat met bakpapier die je vastzet met een beetje van het eiwitschuim.
Schep het schuim in een spuitzak en gebruik een gekarteld spuitmondje waarmee je mooie toefjes maakt. Dan een uur in de oven, daarna de meringues helemaal af laten koelen in de oven. Overgebleven meringues blijven in een goed afgesloten trommel een paar dagen vers.

Dankjewel Janneke, voor je al je inspiratie en openheid!

Klik HIER voor het volledige artikel mét foto’s!

R.U.S.T.©

P1060714
Toen ik eindexamen had gedaan en ik was geslaagd, kreeg ik van vrienden van mijn ouders een kaart met de tekst zoals die hier in de titel staat. Rust©. Op de kaart stond een mooie afbeelding van een bebost, bergachtig, groen landschap, misschien was er zelfs een waterval bij. Intens genoot ik van een enorm geluksgevoel, van mijn vrijheid, tot het tijd werd de draad op te pakken en de collegebanken in te gaan. Die overgang was moeilijk, omdat mijn oude schoolstress onmiddellijk weer ontvlamde en ik mijn vers vergaarde vrijheidsgevoel door mijn vingers voelde glippen. Gelukkig maakte ik al snel nieuwe vrienden en verhuisde ik naar een paar maanden op en neer reizen naar Amsterdam. Mijn Amsterdam, dat was het eigenlijk meteen, als ik in het weekend naar mijn ouders in Delft was geweest en op zondagavond Amsterdam Centraal binnenreed voelde ik: ik ben weer thuis.
Toen ik afgelopen maandag na de kookles naar huis fietste, besloot ik dat het tijd werd om, jawel, voor het eerst in de tien jaar dat ik hier nu woon, om onder het Rijksmuseum door te fietsen. Een magische ervaring, misschien juist, omdat ik het zo spontaan deed. Het licht buiten was mooi, en alles werd stil.

Stilte

Stilte is fijn, hoewel we er vaak bang voor zijn, de stilte op willen vullen met woorden, dingen doen, geluiden maken, afleiding en amusement op te zoeken. En daar is niets mis mee, want daarin ligt die stilte soms juist besloten. Vorige week zondag was ik met mijn moeder naar Shirma Rouse in het Tobacco theater. Shirma verzorgde met een enorme dosis liefde en een heel team een fantastische avond. En reken maar dat Shirma niet alleen zorgt dat je maag gevuld wordt met heerlijk eten, ze zorgt ook voor je ziel. De eerste noot die ze aansloeg kwam meteen binnen. In mijn hart, welteverstaan. En toen ze ook nog begon te praten over de dingen van het leven en daarbij Jennifer Lynn uitnodigde om dat dan weer in de mooiste liederen (Imagine, Halleluhjah) te bezingen, hield ik het niet meer. Gelukkig lagen er enorme servetten, die ik bij de hand moest blijven houden toen Alain Clark het podium ook nog besteeg (Change Will Come). 24 maart is er weer een editie van Shirma’s Soulkitchen en ik kan alleen maar zeggen: koop nú een kaartje en ga!!!

Ontspanning

De volgende dag merkte ik dat Shirma’s soulmassage nog flink doorwerkte, en nog even extra aangevuld werd met een supergezond sapje van the one and only Sapkoning Jay, die je voorziet van een enorme portie energie uit zijn groene hart. En zo kabbelde de week verder, en belandde ik op donderdag met vriendin E. eindelijk bij ‘dat ene authentieke Italiaanse koffietentje’. Ik raad jullie allemaal aan, om, als je toch al in Amsterdam bent voor Shirma, een nachtje te blijven slapen en de volgende dag hier koffie te halen. De winkel is van Daniele Palma, een vriendelijke, grote Italiaan met diepe basstem. Hij zet koffie zoals alleen Italianen dat kunnen: zonder één spoortje bitterheid, met veel liefde gezet en zonder hyper -help-ik-heb-koffie-gedronken-effect. We krijgen er zomaar nog een smaakvol zelfgemaakt koekje bij, en een hartje in ons cappuccino-schuim. Kijk meteen even op de facebook-site, die er zeer charmant en aanlokkelijk uitziet, en wist je dat er koekjes bestaan die ‘occhi di bue’ heten? Voornemen: studeren op mijn Italiaans en in mijn beste Italiaans, op mijn allercharmantst, het recept hiervan proberen te ontfutselen!
Daarna begeven we ons naar de Taart van m’n Tante, waar we ons tegoed doen aan een stuk chocoladetaart, geserveerd met zalige room en friszure aalbessen. Thuis zet ik de relaxte stemming voort met vers brood en vleeswaren van Bella Storia, en terwijl ik door het boekje van Fattoria la Vialla blader (bestel hier hun producten, ze zijn goddelijk!), komen al mijn (Italiaanse) dromen weer tot leven.

P1060728
P1060730
P1060731

Liefde

En zo suddert mijn hart verder het weekend in. En omdat ik zo fijn sudder, neem ik zaterdag wat sudderlapjes mee van de markt (waarop, na geheime bereiding de smaakpapillen feestend door mijn mond buitelen).
Op zondag blijf ik lekker de hele dag lekker in mijn pyjama, bladerend door prachtige kookboeken nip ik van koffie met een meesterlijke schuimkraag en hap ik in de zanderige koekjes die ik bakte volgens het recept van de oma van Janneke Vreugdenhil, die vanuit de hemel een oogje toeknijpt, omdat ik lichte in plaats van witte basterdsuiker gebruik.

P1060746
P1060737

En ik maak ook nog appelmoes (zie het recept op HARTGEKOOKT4kids) én eindelijk, dat wilde ik al de hele winter: gestoofde rode kool met appeltjes. Alles deed ik op mijn dooie gemak, met ál mijn aandacht. En wat is dat heerlijk! Wat is het fijn om ontspannen te zijn, ervan te genieten dat anderen de deur naar je hart feilloos weten te vinden, het even optillen en het in het licht zetten, wat het verdient. Want liefde (én rust!) verdienen we, allemaal!

En nú: koffie, mét koekjes!

Voor ongeveer 20 koekjes

P1060739

200 gram witte bloem
100 gram witte (of lichte) basterdsuiker
150 gram boter, op kamertemperatuur in blokjes

Zet alvast een bakplaat klaar die je met bakpapier bekleed. Verwarm de oven voor op 120 graden.

Kneed alle ingrediënten snel met koele hand door elkaar. Verdeel het deeg in bolletjes ter grootte van een walnoot en druk die iets plat met de tanden van een vork, zodat er mooie voren ontstaan.
Bak de koekjes vervolgens:
15 minuten op 120 graden; daarna
15 minuten op 150 graden; daarna
15 minuten op 170 graden.

Even af laten koelen op een rooster, ondertussen koffie of thee zetten en dan gauw een hap nemen van je nog warme koekjes!

Als je met je kinderen liever de koekjes uit wil steken kan dat ook: rol het deeg dan uit tot ongeveer 1 cm dikte. Hou de koekjes dan wel goed in de gaten, het kan zijn dat de laatste ronde van 170 graden niet nodig is (omdat de koekjes dunner zijn en sneller garen).

Meer dan vis

P1060677

Het is alweer een tijdje geleden dat ik een bericht de digitale snelweg opstuurde, dit is om precies te zijn mijn eerste van dit jaar, dat alweer 1,5 maand oud is. Het jaar begon met een flinke week ziek op bed, en deze week kreeg een geniepig buikgriepvirusje mij flink te pakken, laten we zeggen dat er een flinke innerlijke schoonmaak is gehouden, want de bedoeling van dit blog is dat ik jullie eetlust aanwakker…

Het maffe is, dat al vrij snel ‘na de grote schoonmaak’ mij weer allerlei etenswaren voor ogen kwamen die ik in de toekomst weer tot me zou mogen nemen. Zo zwommen er enorme, sappige roze zalmen aan mijn geestesoog voorbij, op de voet gevolgd door enorme manden met knapperige kleine Elstar-appeltjes. Ondertussen lagen er ook nog wat chocolaatjes in de koelkast, die ik, omwille van mijn arme ingewanden tot nog toe heb kunnen weerstaan.
Vanmorgen viel ik zowat tegen de vlakte omdat ik al een paar dagen heel weinig had gegeten en die microscopisch kleine vriend die ergens rondzwierf en in mij, mij helemaal binneste buiten had gekeerd en me daarbij beroofd had van al mijn voorraden, besloot ik dat ik eerst iets moest eten, en daarna wat alarmnummers in moest toetsen, van de plaatselijke bakker voor een Pain de Campagne (een licht, zacht, wit brood) tot lieve vriendin S. die tot mijn blijdschap naar de markt bleek te gaan. Want hoeveel zin ik ook in sommige dingen had, de markt (normaal 5 minuten fietsen) leek nu kilometers ver weg, en dan die wind!

Het halve brood werd in ongeveer een half uur tijd weggewerkt, en de boodschappen arriveerden via de lieve S. en mini-hulpbezorgster L. En wat is het toch fijn, om goeie buren te hebben, die óók nog vrienden zijn!

Goed, genoeg gekletst: op naar het recept: ik heb gestoomde zalm gegeten met kortgewokte spinazie, linzen en een yoghurt-muntsausje. En het smaakte me toch, mmmmmm! Dit ga ik weer vaker maken. Het is ontleend aan een recept van Jamie Oliver, die mij sinds jaar en dag vers heeft leren koken. Toen ik 16 was kocht ik zijn eerste boek, en ik weet dat zelf pesto maken toen nog heel bijzonder was! Dankjewel Jamie, voor het verspreiden van je liefde en kennis over vers eten! Dit recept is razendsnel, als je de linzen niet meerekent, staat het binnen een half uur voor je neus te geuren!

Gestoomde zalm met wilde spinazie

Voor 1 persoon
1 moot goede, schone zalm van 150-200 gram (ga naar een goeie visboer, bijvoorbeeld Meer dan Vis)
3-4 ons wilde spinazie (let op: dit lijkt veel maar het slinkt als een gek!)
1 teentje knoflook, in dunne plakjes
100 gram linzen (uit blik, of zelf gekookt, dat duurt 30-40 minuten, gebruik bijvoorbeeld Puy, die koken niet stuk)
1 citroen
olijfolie

voor het sausje:
4 flinke eetlepels yoghurt
een kneepje citroensap
versgemalen zout en peper
1,5 theelepel gedroogde munt

Bereiding:
1. Kook eerst de linzen gaar als je verse linzen gebruikt. Zet ze in een laagje koud water op, met een deksel op de pan. Kijk af en toe of er nog genoeg water inzit, want de linzen zuigen zich vol.
2. Was de spinazie grondig in de gootsteen en verwijder de dikke stelen.
3. Maak ondertussen het sausje, meng alle ingredienten en proef, moet er nog iets bij?
4. Doe een laagje water in onderin een stoompan, bestrooi de zalm aan weerszijden met zout en peper, en leg de zalm op 2 schijfjes citroen (citroen doet vis garen en geeft bovendien een lekkere frisse smaak). Reken op 11-14 minuten voor een moot van 180 gram, en kijk af en toe even. Ik liet het water eenmaal aan de kook zachtjes pruttelen, misschien gaat het bij jou sneller of langzamer, maar laat die arme vis niet droog worden, want dat is zonde!
5. Terwijl de zalm stoomt, snij je de knoflook in plakjes en zorg je dat alles klaarstaat om op te maken (dus ook een schijfje citroen op je bord om er straks overheen te sprenkelen.
6. Als de zalm bijna klaar is, verhit je de wok of grote koekenpan op hoogvuur, giet een scheutje olijfolie erin, voegt knoflook toe (niet bruin laten worden, hij moet alleen de olie aromatiseren) en tot slot de spinazie, die je al omscheppend in 1-2 minuten zult zien slinken. Meteen het vuur uit, linzen erdoorscheppen, wat citroensap.
7. Schep de spinzie en linzen op de borden, daaroverheen een beetje yoghurtsaus en leg daarop de zalm. Geniet ervan!

Aanvullingen:
-in het orginele recept wordt de zalm omwikkeld met parmaham en in de oven gegaard, dit is sneller en lichter, bovendien geschikt voor de visetende vegetariers onder ons.
-gebruik als je hebt natuurlijk verse kruiden (peterselie, verse munt of wat vers basilicum). Schep deze dan een beetje door de yoghurt en op het laatst door de spinazie met de linzen.
-voor de hongerigen onder ons: gebakken (kriel)aardappels smaken hier goed bij, maar dan duurt het wel wat langer. Als je de opgegeven hoeveelheden aanhoudt, vult dit prima!)

Dankjewel, lieve koe!

P1000423

Gisteren was het zaterdag. Zaterdag vind ik de leukste dag van de week, want behalve dat ik dan lekker kan uitslapen en de luxe ervaar om de dag erna nóg een vrije dag te hebben, ga ik op zaterdag naar de Noordermarkt. Niets maakt mij gelukkiger dan het op gevoel verzamelen van verse seizoensingrediënten. Ik besloot dat het tijd was voor een goed gevulde groentesoep, met als basis een krachtige bouillon van runderschenkel. Die haal ik bij Rob Rijks, een slagersfamilie uit Twello. Klik hier voor meer informatie, ze staan ook in Den Haag en Rotterdam! Je wordt altijd aardig en vakkundig geholpen, hoe klein je boodschap ook is. Het belangrijkste is, dat ik een stukje biologisch, koe-waardig vlees koop, van een dier dat een fijn leven heeft gehad in een wei met vers en sappig gras, en dat ze de dagen voor haar einde op een dierwaardige manier heeft doorgebracht.
‘Toevallig’ zie ik dat er een college is van DWDD University met Robert Kranenborg over de koe. Het blijkt een zeer leerzaam en grappig college te zijn, het zet je ertoe aan om werkelijk na te denken over wat je koopt, waar je het koopt en hoe het vlees daar zo gekomen is. En vooral van wie? Voor ons is het heel gewoon om een wei met koeien te zien, maar bedenk eens wat ze ons allemaal geven: melk, room, ijs, boter, jassen, voetballen, schoenen, tassen en vlees. En met dat vlees wordt behoorlijk gerommeld. Niet alleen wordt het volgespoten met water en lopen we de kans medicijnen en hormonen tot ons te nemen. De slager die in het programma aanwezig is laat zien wat voor soort vlees elk deel van de koe geeft. De kogelbiefstuk bijvoorbeeld, is maar een heel klein stukje van de koe. Hoe kan het dan dat er schappen vol met kogelbiefstuk in de supermarkt liggen? Omdat er ‘verder doorgesneden wordt’ dus de delen die geen kogelbiefstuk zijn, maar wel als zodanig worden verkocht. Tsja. Je wordt genept waar je bij staat en we betalen er grif geld voor. En die arme koe, daar denken we niet meer aan, de koe is een anoniem plakje in een bakje geworden. Wij consumenten hoeven daar geen genoegen mee te nemen. Er bestaan nog altijd goeie slagers, die zelf hun dieren uitkiezen en die u wel kunnen vertellen waar het vlees vandaan komt.
Dan breekt een ongemakkelijk moment aan. De koe die Robert heeft uitgezocht, gaat naar de slacht. Met pijn in mijn hart kijk ik toe hoe Greetje uit de stal waar ze de laatste paar dagen verblijft wordt gehaald en een paar minuten later met een schok op de grond valt. De tranen springen in mijn ogen. En dit is dan nog een ‘aardige’ en kleinschalige versie… Ik denk aan mijn schenkeltje in de pan dat mij voorziet van heerlijke soep en ik denk aan de koe, die voor mij en anderen is doodgegaan. Dankjewel, lieve koe.
Nu de kerst voor de deur staat, en er ongetwijfeld weer veel vlees geconsumeerd zal worden, wil ik je toch vragen, zoals Robert dat ook doet aan het eind van het programma, stil te staan bij het dier dat voor ons geleefd heeft. En alvast een goed voornemen voor 2014: 2x per week vlees is meer dan voldoende en zoek bij voorkeur een goeie, vakkundige slager! Klik hier voor een lesje koe van Robert Kranenborg!

Hieronder het recept voor een krachtige groentesoep, danwel bouillon. Nog een idee voor goed voornemen: stop alsjeblieft met die blokjes bouillon waar E621 inzit, een smaakversterker die niet erg gezond voor je is, zeker niet in grote hoeveelheden. Neem de tijd om zelf bouillon te maken en in te vriezen of koop bio-blokjes waar deze versterker niet inzit.

P1050042

Voor 2-3 liter
1 grote biologische runderschenkel (van een goede slager!)
halve venkelknol, in dunne plakjes
3-4 smakelijke (biologische) wortels, in plakjes
1 ui, gehalveerd, in ringen
1 prei, in dunne ringetjes (het groen mag ook erbij, wel goed wassen!)
3 stengels bleekselderij (in smalle boogjes)
2-3 takjes rozemarijn
10 peperkorrels
1 chilipepertje (gedroogd, of een verse rode peper, in zijn geheel)
5-7 jeneverbessen
2 laurierblaadjes
een flinke snuf zeezout

Bereiding:
1. Snij alle groentes op de manier zoals hierboven staat aangegeven. NB: op deze foto heb ik alles in groffe stukken gehakt, maar ik vind dat de smaken krachtiger zijn als je het doet zoals ik hierboven aangeef, it’s up to U!
2. Verhit een grote soeppan en giet hier een beetje olijfolie in.
3. Voeg de groente toe, draai het vuur laag en schep een paar keer om (2-3 min.) om de smaken los te maken.
4. Leg de runderschenkel erbovenop, gooi de kruiden erbij en overgiet met 2-3 liter water.
5. Zet het vuur op zijn allerlaagst en laat minstens 2 uur, maar liever 3 uur trekken. Het water mag afgezien van een incidentele bubbel niet koken! Gebruik een warmteverdeler als het halverwege toch te hard gaat.
6. Breng op smaak met zeezout en zwarte peper.
7. Het vlees snij ik voor de bite in heel kleine stukjes en dit doe ik er weer bij.
8. Als je alleen bouillon wil: giet door een zeef, laat afkoelen en vries in (ongeveer 3 maanden houdbaar in de vriezer).